De notulen van de zitting van de raad voor maatschappelijk welzijn van 26 februari 2026 worden ter goedkeuring voorgelegd.
Mobitwin (Minder Mobielen Centrale=MMC) is de sociale mobiliteitsdienst van Mpact vzw. De dienst biedt een betaalbaar alternatief voor mensen met een laag inkomen en een beperkte mobiliteit. Mobitwin helpt om in beweging te blijven en zorgt ervoor dat mensen met een handicap, een laag inkomen, ouderen, … kunnen blijven deelnemen aan het dagelijkse leven.
Reeds in 1994 besliste het OCMW van Beernem om, in samenwerking met Taxistop/Mpact of het huidige Mobitwin, een Minder Mobielen Centrale (MMC) op te richten om verplaatsingsmogelijkheden aan te bieden aan mensen met een laag inkomen en een beperkte mobiliteit. Aangezien de mobiliteitsproblematiek binnen een landelijke gemeente leidt tot vervoersarmoede, is de werking van de MMC alsmaar gegroeid. Deze vorm van dienstverlening draagt immers bij tot het verlichten van eenzaamheid, het doorbreken van het sociaal isolement en participatie aan het sociaal en cultureel leven.
Een nieuwe dienstverleningsovereenkomst tussen Mpact vzw en onze MMC dient te worden afgesloten. Het ontwerp wordt ter goedkeuring voorgelegd aan de OCMW-raad.
Sinds 1 december 2017 werken de tien lokale besturen van de referentieregio Brugge samen binnen een interlokale vereniging, die aanvankelijk opgericht werd onder de naam Wijk‑Up. Deze samenwerking ontstond in het kader van de invoering van het decreet wijk‑werken en had als oorspronkelijke opdracht het opnemen van de rol van wijk‑werkorganisator voor de deelnemende gemeenten. Vanaf de start werd bewust gekozen voor een bovenlokale samenwerking die efficiëntie, schaalvoordelen en beleidsafstemming combineert met het behoud van de autonomie van elk lokaal bestuur.
Op 31 december 2019 werd een nieuwe beheersovereenkomst afgesloten en kreeg de interlokale vereniging de nieuwe naam Werkkracht10. Deze hernieuwing betekende een inhoudelijke verbreding van de samenwerking. Naast de verdere uitvoering van wijk‑werken (operationeel bekend onder de naam Wijk‑Up), werd het doel van de interlokale vereniging uitgebreid met de regierol sociale economie en met het structureel overleg en de samenwerking rond tewerkstelling van personen met een grote(re) afstand tot de arbeidsmarkt.
Bij de opstart van Werkkracht10 werden, aansluitend op deze verbrede opdracht, ook de financiële middelen ingebracht die voortkwamen uit de ontbinding van de voormalige PWA‑vzw’s van de deelnemende lokale besturen. Over de periode 2016–2018 brachten de betrokken PWA‑vzw’s in totaal € 229.700,17 in, bestemd voor de opstart en uitbouw van wijk‑werken, opleiding en activering, en de versterking van de regionale samenwerking. Deze middelen vormden een gezamenlijk startkapitaal en drukken zowel de gedeelde verantwoordelijkheid als de historische continuïteit uit van de lokale besturen in hun beleid rond werk, sociale economie en activering.
Sindsdien fungeert de interlokale vereniging Werkkracht10 als een stabiel regionaal samenwerkingsplatform waarin uitvoering, beleidsafstemming en regioregie samenkomen, met Stad Brugge als beherende gemeente en met een werkingsgebied dat de volledige referentieregio Brugge omvat.
De interlokale vereniging heeft als doel, in opdracht en ten dienste van de deelnemende lokale besturen, een regionale samenwerking uit te bouwen en te versterken rond:
met bijzondere aandacht voor personen met een (grote) afstand tot de arbeidsmarkt.
In dit kader beoogt de vereniging onder meer om:
Tot en met 2025 ontving de beherende gemeente jaarlijks € 103.971,10 om de regierol sociale economie binnen de interlokale vereniging vorm te geven en uit te voeren. Samen met de recurrente inkomsten uit wijk‑werken en de compensatie voor personele inzet binnen diverse projecten vormde dit de belangrijkste bron van inkomsten voor de werking van de interlokale vereniging.
Met de beslissing van de Vlaamse Regering van 24 oktober 2025 om de bestaande subsidies voor de lokale regierol sociale economie en werk, evenals de overgangsmaatregel Aanvullende Lokale Diensten (ALD), om te zetten in een algemene en rechtstreekse financiering van de gemeenten vanaf 2026, verandert het beleids‑ en financieringskader ingrijpend. Lokale besturen ontvangen voortaan een structurele financiering op basis van doelgroep‑ en omgevingsparameters, wat leidt tot meer autonomie, minder administratieve lasten en een versterking van het lokaal sociale‑economiebeleid tot en met 2030.
Deze gewijzigde context maakt een actualisatie van de beheersovereenkomst noodzakelijk. In deze nieuwe overeenkomst wordt bewust gekozen om geen specifieke namen te vermelden van projecten, instrumenten of maatregelen (zoals wijk‑werken). Dit zorgt voor een toekomstbestendige en flexibele samenwerking, die de interlokale vereniging toelaat om in te spelen op veranderende regelgeving, nieuwe beleidsaccenten en lokale noden, zonder telkens een formele aanpassing van de overeenkomst te moeten doorvoeren.
De nieuwe beheersovereenkomst (2026-2031) bouwt voort op de historische samenwerking, de opgebouwde expertise en de gezamenlijk ingebrachte middelen. Ze verankert de rode draad van bovenlokale samenwerking, regioregie en gedeelde verantwoordelijkheid binnen een flexibel en toekomstgericht kader voor werk, sociale economie en inclusieve tewerkstelling in de regio Brugge.
Met het oog op de continuïteit en bestendiging van de regionale werking van de interlokale vereniging Werkkracht10 beslissen de deelnemende lokale besturen om, voor de duur van de legislatuur 2026–2031, jaarlijks een gezamenlijke bijdrage van € 100.000,00 ter beschikking te stellen van de interlokale vereniging Werkkracht10.
Deze jaarlijkse bijdrage vormt een structurele financiering en komt bovenop de eenmalige middelen die bij de opstart en verdere uitbouw van de interlokale samenwerking werden ingebracht vanuit de voormalige PWA‑vzw’s van de deelnemende lokale besturen. Deze eerdere inbreng fungeerde als startkapitaal en historische hefboom voor de regionale samenwerking, terwijl de jaarlijkse bijdrage instaat voor de verdere werking en continuïteit van de interlokale vereniging binnen het huidige beleids- en financieringskader.
De jaarlijkse bijdrage wordt gefinancierd vanuit de individuele middelen van de lokale besturen voor het lokaal sociale‑economiebeleid.
De jaarlijkse bijdrage wordt verdeeld over de deelnemende lokale besturen op basis van een verdeelsleutel met een vaste component en een procentuele component, zoals goedgekeurd door het beheerscomité.
De bijdragen per lokaal bestuur bedragen:
Deze bijdragen vertegenwoordigen samen een jaarlijks totaalbedrag van € 100.000,00.
Het vast Bureau gaf voor deze verdeelsleutel goedkeuring op 21 november 2025.
De Voedselploeg organiseert voor de regio een gestructureerde inzameling en verdeling van voedseloverschotten aan kwetsbare doelgroepen. Voor de periode 2026–2031 werd aan alle deelnemende gemeenten gevraagd een keuze te maken tussen drie financieringsmodellen.
Er waren 3 voorstellen:
Het vast bureau besliste op 17 oktober 2025 dat de gemeente Beernem kiest voor financieringsmodel C. Optie A was te duur en optie B niet haalbaar omwille van de verplichte inzet van een artikel 60 medewerker.
Conform het verslag van de stuurgroep van 10 december 2025 werd contact opgenomen met de gemeenten Damme, Jabbeke en Zedelgem, die eerder aangaven de samenwerking met de Voedselploeg niet te willen voortzetten voor de periode 2026–2031. Damme en Jabbeke bevestigen dat zij op dit moment geen aanleiding zien om hun eerder ingenomen standpunt te herzien. Overleg op een later tijdstip blijft mogelijk.
Zedelgem geeft aan bereid te zijn om te kiezen voor optie 2 (B), onder dezelfde voorwaarden als Knokke-Heist: het engagement om een doelgroepmedewerker aan te leveren blijft behouden, maar zonder sanctie wanneer dit niet kan worden ingevuld.
Intussen is er unanimiteit om te starten volgens ieders formule zoals aangegeven in de intentieverklaring. Tevens werd een werkgroep opgericht om het financiële kader verder te bekijken. Indien daar voorstellen uit voortkomen die een impact hebben op de financiële inbreng van elke gemeente, zullen deze opnieuw moeten worden voorgelegd.
Het vast bureau besliste in zitting van 27 februari 2026 om een gunstig advies te verlenen omtrent de samenwerking tussen OCMW Beernem en welzijnsvereniging Rudderstove met betrekking tot De Voedselploeg, overeenkomstig financieringsmodel C en dit voor de periode 2026-2031. De samenwerkingsovereenkomst wordt ter goedkeuring voorgelegd aan de Raad voor Maatschappelijk welzijn.