De voorzitter opent de vergadering.
De notulen van de zitting van de raad voor maatschappelijk welzijn van 18 juni 2026 worden ter goedkeuring voorgelegd.
Artikelen 277 §1 en 278 §1 van het decreet lokaal bestuur
Ontwerpnotulen van de zitting van de raad voor maatschappelijk welziijn van 18 juni 2026
De notulen van de zitting van de raad voor maatschappelijk welzijn van 18 juni 2026 worden goedgekeurd.
Artikelen 77, 78 e.v. van het decreet over het lokaal bestuur
In het verleden moesten de raadsleden zich in de praktijk uitspreken over bijsturingen van de planning, in de vorm van een budgetwijziging en/of een aanpassing van het meerjarenplan. Die aanpassingen van de planningsdocumenten vormden enerzijds een zware administratieve last. De rapporten bevatten anderzijds vooral informatie over de uitvoering van de kredieten en de noodzaak tot aanpassing ervan (de autorisatie) in plaats van een echte stand van zaken van de uitvoering van het geplande beleid.
Daarom beperkt de regelgever voortaan de verplichte rapportering aan de raad omwille van kredietwijzigingen en autorisatie. Het budget als afzonderlijk beleidsrapport is afgeschaft. De vaststelling van de kredieten en de autorisatie zijn geïntegreerd in het meerjarenplan en de verplichte jaarlijkse aanpassingen daarvan. Daarnaast trekt het Besluit van de Vlaamse Regering van 30 maart 2018 ook het niveau waarop de raad autorisatie geeft op.
Die ingrepen hebben tot gevolg dat de controlefunctie van raadsleden niet in eerste instantie gericht is op de kredietbewaking, maar wel op de opvolging van de uitvoering van de planning en de realisatie van de beleidsdoelstellingen, actieplannen en acties (zie Parl.St. Vl. Parl. 2017-18, nr. 1353/1,114).
Deze opvolgingsrapportering is een onderdeel van de beleids- en beheerscyclus, maar is geen beleidsrapport.
De opvolgingsrapportering bevat minstens volgende elementen:
1° een stand van zaken van de prioritaire acties of actieplannen van het meerjarenplan;
2° een overzicht van de geraamde en de gerealiseerde ontvangsten en uitgaven voor het lopende jaar;
3° in voorkomend geval, de wijzigingen in de assumpties die gekozen werden bij de opmaak van het meerjarenplan of de aanpassing ervan;
4° in voorkomend geval, de wijzigingen in de financiële risico's.
Mondelinge toelichting ter zitting wordt gegeven door burgemeester Jos Sypré.
Er zijn tussenkomsten door raadsleden Gijs Degrande, Jef Vansteenhuyse en Nele Deslyper, beantwoord door burgemeester Jos Sypré, schepen Vicky Verstringe en schepen Claudio Saelens.
Artikel 1: Er wordt kennis genomen van het 'opvolgingsrapport eerste semester 2026, uitvoering meerjarenplan 2026-2031' voor gemeente en OCMW Beernem.
Artikel 2: Deze beslissing wordt ter kennis gebracht van de heer provinciegouverneur, zoals bepaald in artikel 330 e.v. van het decreet lokaal bestuur.
Artikel 217 t.e.m. 220 van het decreet over het lokaal bestuur.
Overeenkomstig de bepalingen van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, wordt het organisatiebeheerssysteem vastgesteld door de algemeen directeur, na overleg met het managementteam. Het algemene kader moet door de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn van de gemeente worden goedgekeurd.
De algemeen directeur rapporteert jaarlijks aan het college van burgemeester en schepenen, het vast bureau, de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn over de organisatiebeheersing. Die rapportering gebeurt jaarlijks uiterlijk op 30 juni van het daaropvolgende jaar.
Overeenkomstig de bepalingen van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 is organisatiebeheersing het geheel van maatregelen en procedures die ontworpen zijn om een redelijke zekerheid te verschaffen dat men:
Het organisatiebeheersingssysteem bepaalt op welke wijze de organisatiebeheersing van de gemeente en het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn wordt georganiseerd, met inbegrip van de te nemen controlemaatregelen, procedures en de aanwijzing van de personeelsleden en organen die ervoor verantwoordelijk zijn, en de rapporteringsverplichtingen van de personeelsleden die bij het organisatiebeheersingssysteem betrokken zijn.
Op 1 januari 2014 werd het Agentschap Audit Vlaanderen opgericht. Dit onafhankelijk agentschap evalueert de organisatiebeheersing bij de lokale besturen door middel van audits. Het agentschap werkte daarvoor de "Leidraad Organisatiebeheersing voor lokale besturen" uit. Deze leidraad fungeert voor Audit Vlaanderen als auditinstrument voor organisatie-audits bij lokale besturen.
Tegelijk is de leidraad voor organisaties een gids met doelstellingen rond organisatiebeheersing en met risico’s en beheersmaatregelen, die de organisaties ondersteunt bij het uitwerken van een kader voor organisatiebeheersing en het op punt stellen van haar organisatiebeheersingssysteem, alsook een zelfevaluatie-instrument om een beeld te krijgen over waar ze staat op het vlak van organisatiebeheersing.
Aangezien de leidraad van Audit Vlaanderen praktisch is, herkenbare thema's bevat en door Audit Vlaanderen gebruikt wordt als auditinstrument voor het uitvoeren van de organisatie-audits bij lokale besturen werd de leidraad opnieuw gekozen als basis voor de opmaak van het herwerkte kader 'organisatiebeheersing' .
De leidraad is opgebouwd rond de volgende tien thema's waarvoor telkens onderliggende doelstellingen, mogelijke risico's en potentiële beheersmaatregelen geformuleerd worden:
1: Doelstellingen- en procesmanagement
2: Belanghebbendenmanagement
3: Monitoring
4: Financieel Management
5: Organisatiestructuur
6: Personeelsbeleid
7: Organisatiecultuur
8: Informatie en communicatie
9: Facilitaire middelen, opdrachten en contracten
10: ICT
Het herwerkte kader heeft zowel betrekking op de gemeente als op het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn. Omwille van de sterke samenwerking tussen de gemeente en het OCMW, de vergaande eenmaking en centralisatie van de dienstverlening en de eenduidige operationele leiding, wordt geopteerd voor een uniform kader voor beide entiteiten.
Decreet lokaal bestuur van 22 december 2019 en latere wijzigingen, in het bijzonder de artikelen 77 en 78 betreffende de bevoegdheden van de OCMW-raad, en de artikelen 217 tot en met 220, betreffende organisatiebeheersing.
Het herwerkte kader omvat op maat uitgewerkte en vastgelegde afspraken over de wijze waarop op langere termijn aan de versterking van de organisatiebeheersing zal worden gewerkt.
Het bevat o.a. de volgende elementen:
Advies managementteam (2 september 2026)
Het managementteam verleent een positief advies over het voorliggende kader organisatiebeheersing voor het lokaal bestuur Beernem.
Het managementteam onderschrijft de voorgestelde werkwijze en de keuze om de organisatiebeheersing verder uit te bouwen aan de hand van de leidraad van Audit Vlaanderen. Het voorgestelde kader biedt een duidelijke en gestructureerde basis voor een risicogerichte en cyclische aanpak van de organisatiebeheersing.
Het managementteam ondersteunt ook de verdere koppeling tussen organisatiebeheersing en organisatieontwikkeling, evenals de systematische opvolging en bijsturing van verbeteracties aan de hand van de PDCA-cyclus.
Het managementteam adviseert bijgevolg om het voorliggende kader organisatiebeheersing ter goedkeuring voor te leggen aan de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn.
Het vast bureau verleende gunstig advies in de zitting van 4 september 2026.
Mondelinge toelichting wordt ter zitting gegeven door burgemeester Jos Sypré.
Er zijn geen tussenkomsten.
Artikel 1: Het algemeen kader voor organisatiebeheersing, zoals opgesteld door de algemeen directeur in overleg met het managementteam, wordt goedgekeurd. Dit kader maakt integraal deel uit van deze OCMW-raadsbeslissing.
Artikel 2: Dit kader vervangt het algemeen kader voor organisatiebeheersing dat goedgekeurd werd door de OCMW-raad in de zitting van 22 april 2021.
Artikel 3: Deze beslissing wordt ter kennis gebracht aan dhr. provinciegouverneur, zoals bepaald in artikel 330 e.v. van het decreet lokaal bestuur.
Artikel 77 e.v. van het decreet over het lokaal bestuur
De welzijnswet verplicht elke werkgever, dus ook de lokale besturen, tot het voeren van een welzijnsbeleid. Intern is er onvoldoende capaciteit aanwezig om dit in te vullen. De inschatting is dat intergemeentelijk samenwerken en delen van personeel met gespecialiseerde kennis op vlak van preventie, bescherming en welzijn op het werk efficiëntievoordelen oplevert.
Gemeentebesturen Beernem, Oostkamp en Zedelgem richtten in 2021 met WVI een gemeenschappelijke dienst voor preventie en bescherming op het werk op de KDV GIPD-WVI. Een gedeelde preventieadviseur (niveau 1) wordt hiervoor ingezet.
Mits een akkoord van FOD WASO (Federale overheidsdienst Werkgelegenheid Arbeid en Sociaal overleg) zal worden overgegaan tot een uitbreiding van deze dienst met nieuwe besturen: Alveringem, Jabbeke, Nieuwpoort en Mesen.
De WVI zal hiertoe een bijkomende preventieadviseur aanwerven die welzijnstaken opneemt voor de aangesloten besturen.
FOD WASO verzoekt om een akkoord van het bestuur omtrent de samenwerking in deze gewijzigde situatie.
De procedure die hiervoor doorlopen moet worden :
Voor Beernem verandert er in principe niets, maar gezien KDV -WVI wordt uitgebreid met een aantal gemeenten dient ook ons bestuur haar goedkeuring te verlenen met deze manier van werken.
Mondelinge toelichting wordt ter zitting gegeven door burgemeester Jos Sypre, bevoegd voor personeelszaken.
Er zijn tussenkomsten van raadsleden William Brysse en Nele Deslyper, beantwoord door burgemeester Jos Sypré.
Artikel 1: Er wordt akkoord gegaan met de uitbreiding met een aantal besturen van de Gemeenschappelijke Preventiedienst voor Preventie en Bescherming op het Werk.
Artikel 2: Er wordt akkoord gegaan met de bij eerdere overeenkomst bepaalde verdeelsleutel volgens dewelke OCMW Beernem 7,7 % van de tijdsbedeling krijgt.
Artikel 3: Deze beslissing wordt ter kennis gebracht van de heer provinciegouverneur, zoals bepaald in artikel 330 e.v. van het decreet over het lokaal bestuur.
Artikel 77 e.v. van het decreet over het lokaal bestuur
Het bestuur is sinds 1 januari 2022 aangesloten bij OFP Prolocus voor de tweede pensioenpijler van het contractueel personeel.
In de OCMW-raad van 28 april 2022 werd kennis genomen van de beheersovereenkomst, het financieringsplan (algemeen luik en luik VVSG) via de toetredingsakte van OFP PROLOCUS, het kaderreglement, het bijzonder pensioenreglement met vaste basisbijdrage, de verklaring inzake beleggingsbeginselen (SIP) (algemeen luik en luik VVSG) en de statuten.
OFP PROLOCUS heeft in de eerste helft van 2025 een aantal sleuteldocumenten herzien in het kader van haar revisietraject “passiva-zijde” met name: het financieringsplan en de beheersovereenkomst. Dit is het revisietraject dat betrekking heeft op de pensioenverplichtingen.
In 2026 wordt het revisietraject met betrekking tot de “activa-zijde” (de assets) uitgevoerd.
Het gaat voornamelijk om technisch-juridische aanpassingen, met als doel om de teksten beter te laten aansluiten bij de praktijk;
Daarnaast werden ook een aantal inhoudelijke wijzigingen aangebracht, zoals bijvoorbeeld in de beheersovereenkomst :
en in het financieringsplan :
In het kader van het revisietraject werde ook een aantal technisch-juridische wijzigingen aan het kaderreglement tweede pensioenpijler contractanten (hierna “het kaderreglement”) en aan het bijzonder reglement voorgesteld, hoofdzakelijk met als doel om het beheer van het DC-Plan te vereenvoudigen;
In het kaderreglement was bepaalde dat het begin 2025 door de sociale partners moest geëvalueerd worden, met mogelijks een bijsturing tot gevolg. Raad van bestuur van het OFP Prolocus van 23 mei 2025 keurde de aanpassingen goed. De aanpasseingen werden bekrachtigd op de algemene vergadering van 17 juni 2025.
Mondelinge toelichting ter zitting wordt gegeven door burgemeester Jos Sypré, bevoegd voor personeelszaken.
Er zijn geen tussenkomsten.
Artikel 1: Het bestuur heeft kennis genomen van de wijzigingen aan de beheersovereenkomst en het financieringsplan, alsook van het gewijzigde kaderreglement en het in uitvoering daarvan gewijzigde bijzonder reglement.
Artikel 2: Het bestuur keurt de wijzigingen aan haar bijzonder reglement goed.
Artikel 3: Het bestuur stemt in met de bijlage bij de toetredingsakte tot goedkeuring van de wijzigingen aan de beheersovereenkomst en het financieringsplan.
Artikel 4: Het bestuur geeft aan de voorzitter en de algemeen directeur het mandaat om de bijlage bij de toetredingsakte en het bijzonder reglement te ondertekenen, en verzoekt om deze documenten op de gevraagde wijze zo spoedig mogelijk ter beschikking te stellen van het OFP Prolocus.
Artikel 5: Deze beslissing wordt ter kennis gebracht van de heer provinciegouverneur, zoals bepaald in artikel 330 e.v. van het decreet over het lokaal bestuur.
Artikel 77 e.v. van het decreet over het lokaal bestuur
Het huidige reglement voor de toewijzing van de seniorenwoningen van het OCMW dateert van 19 oktober 2004 en vormt nog steeds de basis voor de selectie en toewijzing van kandidaat-huurders. In uitvoering van dit reglement besliste de OCMW-raad in januari 2009, om de basishuurprijzen vast te leggen met toepassing van een jaarlijkse indexering. Door deze jaarlijkse indexering van de huurprijzen zijn de huidige huurprijzen aanzienlijk gestegen. Daardoor zijn ze niet langer in verhouding met de aard en het comfortniveau van de woningen. Bovendien beogen we in het toewijzingsreglement een financieel kwetsbare doelgroep. Daarnaast zijn sinds de opmaak van dit reglement de maatschappelijke context en de behoeften van de doelgroep aanzienlijk geëvolueerd.
Het huidige reglement voor de toewijzing van de seniorenwoningen van het OCMW dateert van 19 oktober 2004 en vormt nog steeds de basis voor de selectie en toewijzing van kandidaat-huurders. Sinds de opmaak van dit reglement zijn de maatschappelijke context en de behoeften van de doelgroep echter aanzienlijk geëvolueerd. Factoren zoals vergrijzing, toenemende zorgnoden, veranderende gezinssituaties en druk op de sociale en private woonmarkt maken dat de bestaande criteria en procedures onvoldoende aansluiten bij de actuele realiteit. Bijgevolg biedt het huidige reglement onvoldoende houvast om op een transparante en objectieve wijze prioriteiten te bepalen tussen de kandidaat-huurders.
Het nieuwe ontwerpreglement heeft als doel te komen tot een meer rechtvaardige, transparante en toekomstgerichte toewijzing van de seniorenwoningen. Volgende uitgangspunten stonden centraal bij de herwerking:
Van de gelegenheid wordt gebruik gemaakt om de huurprijzen van de seniorenwoningen aan te passen. In uitvoering van het huidig toewijzingsreglement van 19 oktober 2004 besliste de OCMW-raad in januari 2009 om volgende basishuurprijzen vast te leggen met toepassing van een jaarlijkse indexering:
Door de opeenvolgende indexaanpassingen zijn de huidige huurprijzen echter aanzienlijk gestegen. Hierdoor staan de huurprijzen niet langer in verhouding tot de aard en het comfortniveau van de woningen. Bovendien beogen we in het toewijzingsreglement een financieel kwetsbare doelgroep. Daarom wordt voorgesteld om de basishuurprijzen opnieuw vast te stellen naar:
De huurprijzen in het reglement bevatten de basis huurprijzen. Dus telkens als een nieuwe huurovereenkomst (van korte duur) wordt afgesloten, wordt de basis huurprijs, zoals voorzien in dit ontwerpreglement, opgenomen. In de individuele huurovereenkomsten (van korte duur) is een (jaarlijkse) indexering van de basishuurprijs voorzien.
Aan de raad voor maatschappelijk welzijn wordt gevraagd om het inschrijvings- en toewijzingsreglement seniorenwoningen van het OCMW Beernem goed te keuren.
Mondelinge toelichting ter zitting wordt gegeven door schepen Vicky Reynaert, bevoegd voor sociaal beleid.
Er zijn geen tussenkomsten.
Artikel 1: De raad voor maatschappelijk welzijn keurt het inschrijvings- en toewijzingsreglement seniorenwoningen OCMW Beernem goed.
Artikel 2: Deze beslissing wordt ter kennis gebracht van dhr. provinciegouverneur, zoals bepaald in artikel 330 e.v. van het decreet over het lokaal bestuur.
De voorzitter sluit de vergadering.
Namens OCMW-raad,
Piet Vandekerckhove
algemeen directeur wnd.
Kris Vincke
voorzitter raad voor maatschappelijk welzijn