De voorzitter opent de vergadering.
Bij de opening van de zitting worden de volgende mededelingen gedaan door de voorzitter:
De notulen van de zitting van de gemeenteraad van 18 juni 2026 worden ter goedkeuring voorgelegd.
Artikelen 277 §1 en 278 §1 van het decreet lokaal bestuur
Ontwerpnotulen van de zitting van de gemeenteraad van 18 juni 2026.
De notulen van de zitting van de gemeenteraad van 18 juni 2026 worden goedgekeurd.
Artikelen 40 e.v. decreet lokaal bestuur
In het verleden moesten de raadsleden zich in de praktijk uitspreken over bijsturingen van de planning, in de vorm van een budgetwijziging en/of een aanpassing van het meerjarenplan. Die aanpassingen van de planningsdocumenten vormden enerzijds een zware administratieve last. De rapporten bevatten anderzijds vooral informatie over de uitvoering van de kredieten en de noodzaak tot aanpassing ervan (de autorisatie) in plaats van een echte stand van zaken van de uitvoering van het geplande beleid.
Daarom beperkt de regelgever voortaan de verplichte rapportering aan de raad omwille van kredietwijzigingen en autorisatie. Het budget als afzonderlijk beleidsrapport is afgeschaft. De vaststelling van de kredieten en de autorisatie zijn geïntegreerd in het meerjarenplan en de verplichte jaarlijkse aanpassingen daarvan. Daarnaast trekt het besluit van de Vlaamse regering van 30 maart 2018 ook het niveau waarop de raad autorisatie geeft op.
Die ingrepen hebben tot gevolg dat de controlefunctie van raadsleden niet in eerste instantie gericht is op de kredietbewaking, maar wel op de opvolging van de uitvoering van de planning en de realisatie van de beleidsdoelstellingen, actieplannen en acties (zie Parl.St. Vl. Parl. 2017-18, nr. 1353/1,114).
Deze opvolgingsrapportering is een onderdeel van de beleids- en beheerscyclus, maar is geen beleidsrapport.
De opvolgingsrapportering bevat minstens volgende elementen:
1° een stand van zaken van de prioritaire acties of actieplannen van het meerjarenplan;
2° een overzicht van de geraamde en de gerealiseerde ontvangsten en uitgaven voor het lopende jaar;
3° in voorkomend geval, de wijzigingen in de assumpties die gekozen werden bij de opmaak van het meerjarenplan of de aanpassing ervan;
4° in voorkomend geval, de wijzigingen in de financiële risico's.
Mondelinge toelichting ter zitting wordt gegeven door burgemeester Jos Sypré.
Er zijn tussenkomsten door raadsleden Gijs Degrande, Nele Deslyper en Jef Vansteenhuyse, beantwoord door burgemeester Jos Sypré, schepen Claudio Saelens en schepen Vicky Verstringe.
Artikel 1: Er wordt kennis genomen van het 'opvolgingsrapport eerste semester 2026, uitvoering meerjarenplan 2026-2031' voor gemeente en OCMW Beernem.
Artikel 2: Deze beslissing wordt ter kennis gebracht van de heer provinciegouverneur, zoals bepaald in artikel 330 e.v. van het decreet lokaal bestuur.
Artikel 40 van de gewijzigde wet op de geïntegreerde politie
Artikel 40 van de gewijzigde wet op de geïntegreerde politie (WGP) voorziet dat de begroting van het lokaal politiekorps, de begrotingswijziging en de rekeningen worden voorbereid door de korpschef, in samenwerking met de bijzondere rekenplichtige, en worden goedgekeurd door het politiecollege, overeenkomstig de door de Koning bij een in Ministerraad overlegd besluit, vastgestelde minimale begrotingsnormen.
Uiterlijk vijfentwintig werkdagen vóór de vergadering waarin het politiecollege beraadslaagt over de begroting, een begrotingswijziging of de rekeningen, bezorgt de korpschef, via elektronische weg of enig ander beveiligd middel, een exemplaar van het ontwerp van begroting, begrotingswijziging of rekeningen aan de leden van het politiecollege.
Als lid van het politiecollege bezorgt de burgemeester van elke gemeente die deel uitmaakt van de politiezone, op de eerstvolgende werkdag na de goedkeuring van het ontwerp, dit ontwerp aan de gemeenteraad, via elektronische weg of elke andere beveiligde weg. Het ontwerp wordt vergezeld van een verklarend verslag. De gemeenteraad geeft binnen een termijn van vijfentwintig werkdagen aan de burgemeester, in zijn hoedanigheid van lid van het politiecollege, het mandaat om het ontwerp van de begroting, de begrotingswijziging of de rekeningen van de politiezone al dan niet goed te keuren tijdens de beraadslaging binnen het politiecollege. Na het verstrijken van deze termijn kan het politiecollege beraadslagen, ook indien geen mandaat door de gemeenteraad werd gegeven.
Het ontwerp wordt in de voorgeschreven vorm meegedeeld, zoals het onderworpen zal worden aan de beraadslaging, vergezeld van de bijlagen die vereist zijn voor de definitieve vaststelling ervan, met uitzondering van de bewijsstukken wat de rekeningen betreft.
De begroting, de begrotingswijziging en de rekeningen worden vergezeld van een verklarend verslag. Dit verslag geeft een uiteenzetting van de begroting, de begrotingswijzigingen en de rekeningen, alsmede van alle nuttige informatie.
Mondelinge toelichting ter zitting wordt gegeven door de voorzitter van de gemeenteraad, dhr. Kris Vincke.
Er zijn geen tussenkomsten.
Artikel 1: De gemeenteraad geeft het mandaat aan de burgemeester om het ontwerp van de begroting 2027 en de begrotingswijziging 2026 van de politiezone al dan niet goed te keuren tijdens de beraadslaging binnen het politiecollege.
Artikel 2: Een afschrift van deze beslissing wordt overgemaakt aan de voorzitter van de politiezone Het Houtsche en aan de financieel directeur.
Artikel 3: Deze beslissing wordt ter kennis gebracht van de heer provinciegouverneur, zoals bepaald in artikel 330 e.v. van het decreet lokaal bestuur.
De begroting van de politiezone komt ten laste van de verschillende gemeenten van de politiezone en van de federale Staat.
Elke gemeenteraad van de zone stemt de gemeentelijke dotatie die aan het lokaal politiekorps moet worden toegekend en die aan de politiezone wordt gestort.
De nadere regels inzake de berekening en de verdeling van de dotaties en de wijze waarop zij worden uitbetaald, worden door de koning, bij een in ministerraad overlegd besluit vastgelegd.
Artikel 40 van de gewijzigde wet op de geïntegreerde politie (WGP) voorziet dat de begroting, begrotingswijziging en rekeningen worden voorbereid door de korpschef, in samenwerking met de bijzondere rekenplichtige, en worden goedgekeurd door het politiecollege, overeenkomstig de door de koning bij een in ministerraad overlegd besluit, vastgestelde minimale begrotingsnormen.
De begroting en de begrotingswijziging worden vergezeld van een verklarend verslag. Dit verslag geeft een uiteenzetting van de begroting, de begrotingswijzigingen alsmede van alle nuttige informatie.
De gemeenteraad dient over te gaan tot het vaststellen van de gemeentelijke toelage aan de politiezone Het Houtsche zoals blijkt uit de begroting 2027 van de politiezone Het Houtsche. De begroting van 2027 kan terugvallen op de rekening 2025 en de begrotingswijziging 2026 teneinde deze te gebruiken als basis bij het opstellen van de begroting 2027.
De exploitatietoelage bedraagt € 1.736.063,00. De investeringstoelage bedraagt € 0,00.
De jaarlijkse stijging van de dotatie wordt vastgelegd op 5% de komende legislatuur. Dit blijkt noodzakelijk te zijn om het financieel evenwicht bij de politiezone te bewaren.
|
|
2021 |
2022 |
2023 |
2024 |
2025 |
2026 |
2027 |
| exploitatietoelage |
€ 1.399.066,00 |
|
|
|
|
|
|
| investeringstoelage |
/ |
/ |
/ |
/ |
/ | / |
Er wordt een stijging met 5% van de exploitatietoelage vastgesteld van de drie gemeenten aan de politiezone ten opzichte van de oorspronkelijke begroting 2026. Er wordt geen investeringstoelage gevraagd aan de deelnemende gemeenten. Dit wordt gefinancierd uit het beschikbare reservefonds.
Mondelinge toelichting ter zitting wordt gegeven door de korpschef van politiezone Het Houtsche, mevr. Veerle Dhont.
| Dienst |
financiën - gemeentelijke toelage politiezone Het Houtsche |
| Omschrijving |
politiebegroting dienstjaar 2027 - vaststellen bijdrage van gemeente Beernem |
| Raming (incl. btw) |
De exploitatietoelage 2027 bedraagt € 1.736.063,00. |
| Budgetcode |
0400-00/6494000 exploitatietoelage |
| Beschikbaar krediet |
€ 1.736.064,00 (2027) |
Advies financieel directeur wnd.: Het nodige budget werd opgenomen en voorzien in het meerjarenplan 2026-2031.
Er zijn tussenkomsten door raadsleden Lode Vanneste, Janne Martelez, Gijs Degrande en Piet De Rycke beantwoord door korpschef Veerle Dhont, commissaris Angelo Van Leeuwe en burgemeester Jos Sypré.
Artikel 1: Het aandeel van de gemeente Beernem in de gemeentelijke toelage voor de politiezone Het Houtsche in het gemeentebudget 2027 wordt vastgesteld op artikelnummer 0400-00/6494000 van het exploitatiebudget ten bedrage van € 1.736.063,00 en op artikelnummer 0400-00/6640000 van het investeringsbudget ten bedrage van € 0,00.
Artikel 2: Een afschrift van deze beslissing wordt overgemaakt aan de voorzitter van de politiezone Het Houtsche en aan de financieel directeur.
Artikel 3: Deze beslissing wordt ter kennis gebracht van de heer provinciegouverneur, zoals bepaald in artikel 330 e.v. van het decreet lokaal bestuur.
Op 26 mei 2026 bracht het agentschap binnenlands bestuur (ABB) het college via het digitaal loket op de hoogte van de klacht die op 21 mei 2026 werd ingediend door de N-VA fractie. De klacht was gericht tegen de gemeenteraadsbeslissing d.d. 23 april 2026, procedure overheidsopdracht betreffende de ontwerpopdracht voor de realisatie van een nieuw sociaal huis. Een antwoordschrijven werd ingediend bij ABB.
Op 26 juni 2026 ontvingen we de beslissing van ABB. De beslissing van ABB wordt ter kennisgeving aan de gemeenteraad voorgelegd.
Artikel 331 e.v. van het decreet over het lokaal bestuur
ABB oordeelde over de verschillende onderdelen van de klacht als volgt:
Er is een tussenkomst door raadslid Gijs Degrande beantwoord door de voorzitter.
Bijkomende verklaring:
“Wij hebben kennisgenomen van de reactie op de klacht en we begrijpen dat het college ervan overtuigd is dat de gekozen aanpak juridisch kan worden verantwoord. Maar ook hier willen we wijzen op het onderscheid tussen wat juridisch mogelijk is en wat volgens ons bestuurlijk verstandig is. Onze bezorgdheden zijn daarmee niet van tafel. We blijven onder meer vragen hebben bij:
Ook onze vraagtekens bij de gekozen procedure blijven bestaan. Het feit dat een bepaalde procedure wettelijk mogelijk is, betekent voor ons niet automatisch dat ze ook de meest transparante of aangewezen procedure is voor een project van deze omvang. Ook de totstandkoming van de conceptnota roept bij ons nog altijd vragen op. Wij hebben ons destijds onthouden. Niet omdat wij tegen een geïntegreerd Sociaal Huis zijn – integendeel. Wij zijn voorstander van een goede integratie van de dienstverlening. Het gaat om ons om de uitwerking en aanpak van het dossier. Voor ons vraagt goed bestuur meer dan alleen het afvinken van wat juridisch kan.”
Artikel 217 t.e.m. 220 van het decreet over het lokaal bestuur.
Overeenkomstig de bepalingen van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, wordt het organisatiebeheerssysteem vastgesteld door de algemeen directeur, na overleg met het managementteam. Het algemene kader moet door de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn van de gemeente worden goedgekeurd.
De algemeen directeur rapporteert jaarlijks aan het college van burgemeester en schepenen, het vast bureau, de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn over de organisatiebeheersing. Die rapportering gebeurt jaarlijks uiterlijk op 30 juni van het daaropvolgende jaar.
Overeenkomstig de bepalingen van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 is organisatiebeheersing het geheel van maatregelen en procedures die ontworpen zijn om een redelijke zekerheid te verschaffen dat men:
Het organisatiebeheersingssysteem bepaalt op welke wijze de organisatiebeheersing van de gemeente en het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn wordt georganiseerd, met inbegrip van de te nemen controlemaatregelen, procedures en de aanwijzing van de personeelsleden en organen die ervoor verantwoordelijk zijn, en de rapporteringsverplichtingen van de personeelsleden die bij het organisatiebeheersingssysteem betrokken zijn.
Op 1 januari 2014 werd het Agentschap Audit Vlaanderen opgericht. Dit onafhankelijk agentschap evalueert de organisatiebeheersing bij de lokale besturen door middel van audits. Het agentschap werkte daarvoor de "Leidraad Organisatiebeheersing voor lokale besturen" uit. Deze leidraad fungeert voor Audit Vlaanderen als auditinstrument voor organisatie-audits bij lokale besturen.
Tegelijk is de leidraad voor organisaties een gids met doelstellingen rond organisatiebeheersing en met risico’s en beheersmaatregelen, die de organisaties ondersteunt bij het uitwerken van een kader voor organisatiebeheersing en het op punt stellen van haar organisatiebeheersingssysteem, alsook een zelfevaluatie-instrument om een beeld te krijgen over waar ze staat op het vlak van organisatiebeheersing.
Aangezien de leidraad van Audit Vlaanderen praktisch is, herkenbare thema's bevat en door Audit Vlaanderen gebruikt wordt als auditinstrument voor het uitvoeren van de organisatie-audits bij lokale besturen werd de leidraad opnieuw gekozen als basis voor de opmaak van het herwerkte kader 'organisatiebeheersing' .
De leidraad is opgebouwd rond de volgende tien thema's waarvoor telkens onderliggende doelstellingen, mogelijke risico's en potentiële beheersmaatregelen geformuleerd worden:
1: Doelstellingen- en procesmanagement
2: Belanghebbendenmanagement
3: Monitoring
4: Financieel Management
5: Organisatiestructuur
6: Personeelsbeleid
7: Organisatiecultuur
8: Informatie en communicatie
9: Facilitaire middelen, opdrachten en contracten
10: ICT
Het herwerkte kader heeft zowel betrekking op de gemeente als op het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn. Omwille van de sterke samenwerking tussen de gemeente en het OCMW, de vergaande eenmaking en centralisatie van de dienstverlening en de eenduidige operationele leiding, wordt geopteerd voor een uniform kader voor beide entiteiten.
Decreet lokaal bestuur van 22 december 2019 en latere wijzigingen, in het bijzonder de artikelen 40 en 41 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad, en de artikelen 217 tot en met 220, betreffende organisatiebeheersing.
Het herwerkte kader omvat op maat uitgewerkte en vastgelegde afspraken over de wijze waarop op langere termijn aan de versterking van de organisatiebeheersing zal worden gewerkt.
Het bevat o.a. de volgende elementen:
Advies managementteam (2 september 2026)
Het managementteam verleent een positief advies over het voorliggende kader organisatiebeheersing voor het lokaal bestuur Beernem.
Het managementteam onderschrijft de voorgestelde werkwijze en de keuze om de organisatiebeheersing verder uit te bouwen aan de hand van de leidraad van Audit Vlaanderen. Het voorgestelde kader biedt een duidelijke en gestructureerde basis voor een risicogerichte en cyclische aanpak van de organisatiebeheersing.
Het managementteam ondersteunt ook de verdere koppeling tussen organisatiebeheersing en organisatieontwikkeling, evenals de systematische opvolging en bijsturing van verbeteracties aan de hand van de PDCA-cyclus.
Het managementteam adviseert bijgevolg om het voorliggende kader organisatiebeheersing ter goedkeuring voor te leggen aan de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn.
Het college van burgemeester en schepen verleende gunstig advies in de zitting van 4 september 2026.
Mondelinge toelichting wordt ter zitting gegeven door burgemeester Jos Sypré.
Er zijn geen tussenkomsten.
Artikel 1: Het algemeen kader voor organisatiebeheersing, zoals opgesteld door de algemeen directeur in overleg met het managementteam, wordt goedgekeurd. Dit kader maakt integraal deel uit van deze gemeenteraadsbeslissing.
Artikel 2: Dit kader vervangt het algemeen kader voor organisatiebeheersing dat goedgekeurd werd door de gemeenteraad in de zitting van 22 april 2021.
Artikel 3: Deze beslissing wordt ter kennis gebracht aan dhr. provinciegouverneur, zoals bepaald in artikel 330 e.v. van het decreet lokaal bestuur.
Artikel 40 e.v. van het decreet over het lokaal bestuur
De welzijnswet verplicht elke werkgever, dus ook de lokale besturen, tot het voeren van een welzijnsbeleid. Intern is er onvoldoende capaciteit aanwezig om dit in te vullen. De inschatting is dat intergemeentelijk samenwerken en delen van personeel met gespecialiseerde kennis op vlak van preventie, bescherming en welzijn op het werk efficiëntievoordelen oplevert.
Gemeentebesturen Beernem, Oostkamp en Zedelgem richtten in 2021 met WVI een gemeenschappelijke dienst voor preventie en bescherming op het werk op de KDV GIPD-WVI. Een gedeelde preventieadviseur (niveau 1) wordt hiervoor ingezet.
Mits een akkoord van FOD WASO (Federale overheidsdienst Werkgelegenheid Arbeid en Sociaal overleg) zal worden overgegaan tot een uitbreiding van deze dienst met nieuwe besturen: Alveringem, Jabbeke, Nieuwpoort en Mesen.
De WVI zal hiertoe een bijkomende preventieadviseur aanwerven die welzijnstaken opneemt voor de aangesloten besturen.
FOD WASO verzoekt om een akkoord van het bestuur omtrent de samenwerking in deze gewijzigde situatie.
De procedure die hiervoor doorlopen moet worden:
Voor Beernem verandert er in se niets maar gezien KDV -WVI wordt uitgebreid met een aantal gemeenten dient ook ons bestuur haar goedkeuring te verlenen met deze manier van werken.
Mondelinge toelichting wordt ter zitting gegeven door burgemeester Jos Sypre, bevoegd voor personeelszaken.
Er zijn tussenkomsten van raadsleden William Brysse en Nele Deslyper beantwoord door burgemeester Jos Sypré.
Artikel 1: Er wordt akkoord gegaan met de uitbreiding met een aantal besturen van de gemeenschappelijke preventiedienst voor preventie en bescherming op het werk.
Artikel 2: Er wordt akkoord gegaan met de bij eerdere overeenkomst bepaalde verdeelsleutel volgens dewelke de gemeente 14,7 % van de tijdsbedeling krijgt.
Artikel 3: Deze beslissing wordt ter kennis gebracht van de heer provinciegouverneur, zoals bepaald in artikel 330 e.v. van het decreet over het lokaal bestuur.
Artikel 40 e.v. van het decreet over het lokaal bestuur
Het lokaal bestuur is sinds 1 januari 2022 aangesloten bij OFP Prolocus voor de tweede pensioenpijler van het contractueel personeel.
In de gemeenteraad van 28 april 2022 werd kennis genomen van de beheersovereenkomst, het financieringsplan (algemeen luik en luik VVSG) via de toetredingsakte van OFP PROLOCUS, het kaderreglement, het bijzonder pensioenreglement met vaste basisbijdrage, de verklaring inzake beleggingsbeginselen (SIP) (algemeen luik en luik VVSG) en de statuten.
OFP PROLOCUS heeft in de eerste helft van 2025 een aantal sleuteldocumenten herzien in het kader van haar revisietraject “passiva-zijde” met name: het financieringsplan en de beheersovereenkomst. Dit is het revisietraject dat betrekking heeft op de pensioenverplichtingen.
In 2026 wordt het revisietraject met betrekking tot de “activa-zijde” (de assets) uitgevoerd.
Het gaat voornamelijk om technisch-juridische aanpassingen, met als doel om de teksten beter te laten aansluiten bij de praktijk;
Daarnaast werden ook een aantal inhoudelijke wijzigingen aangebracht, zoals bijvoorbeeld in de beheersovereenkomst:
en in het financieringsplan :
In het kader van het revisietraject werden ook een aantal technisch-juridische wijzigingen aan het kaderreglement tweede pensioenpijler contractanten (hierna “het kaderreglement”) en aan het bijzonder reglement voorgesteld, hoofdzakelijk met als doel om het beheer van het DC-Plan te vereenvoudigen;
In het kaderreglement was bepaald dat het begin 2025 door de sociale partners moest geëvalueerd worden, met mogelijks een bijsturing tot gevolg. De raad van bestuur van het OFP Prolocus van 23 mei 2025 keurde de aanpassingen goed. De aanpassingen werden bekrachtigd op de algemene vergadering van 17 juni 2025.
Mondelinge toelichting ter zitting wordt gegeven door burgemeester Jos Sypré, bevoegd voor personeelszaken.
Er zijn geen tussenkomsten.
Artikel 1: De gemeenteraad heeft kennis genomen van de wijzigingen aan de beheersovereenkomst en het financieringsplan, alsook van het gewijzigde kaderreglement en het in uitvoering daarvan gewijzigde bijzonder reglement.
Artikel 2: De gemeenteraad keurt de wijzigingen aan het bijzonder reglement goed.
Artikel 3: De gemeenteraad stemt in met de bijlage bij de toetredingsakte tot goedkeuring van de wijzigingen aan de beheersovereenkomst en het financieringsplan.
Artikel 4: De gemeenteraad geeft aan de voorzitter en de algemeen directeur het mandaat om de bijlage bij de toetredingsakte en het bijzonder reglement te ondertekenen, en verzoekt om deze documenten op de gevraagde wijze zo spoedig mogelijk ter beschikking te stellen van het OFP Prolocus.
Artikel 5: Deze beslissing wordt ter kennis gebracht van de heer provinciegouverneur, zoals bepaald in artikel 330 e.v. van het decreet over het lokaal bestuur.
Artikels 40 en 41 decreet lokaal bestuur
In het meerjarenplan van 2026-2031 is fietslease voorzien. De fietspolicy van het personeel van gemeente en OCMW werd goedgekeurd in de raad van 23 april 2026.
De fietspolicy voor het onderwijzend personeel werd nog niet voorgelegd aan de gemeenteraad.
Lokaal bestuur Beernem wil het fietsen (naar het werk) promoten en wil daarom fietslease aanbieden aan haar personeelsleden. Bij gemeenteraadsbesluit van 18 december 2025 werd er akkoord gegaan om vanaf 1 januari 2026 aan te sluiten bij de opdracht fietslease via de raamovereenkomst van de provincie West-Vlaanderen. De aanbesteding is gegund aan Cyclis Bike Lease nv, Hendrik Van Veldekesingel 39A, 3500 Hasselt.
Een personeelslid kan (een deel van) de eindejaarstoelage en de bijhorende werkgeversbijdragen inruilen om het leasen van de fiets te financieren voor een periode van 3 jaar. Bij afloop van deze periode kan het personeelslid kiezen om de fiets tegen een restwaarde over te kopen en / of een nieuwe fiets te leasen voor een nieuwe periode van 3 jaar.
De fietspolicy bepaalt de rechten en verplichtingen die verbonden zijn aan het gebruik en beheer van de leasefiets. Het ontwerp van fietspolicy is voorgelegd in het ABOC van 11 mei 2026.
Aan de gemeenteraad wordt de fietspolicy van het onderwijzend personeel ter goedkeuring voorgelegd. De fietspolicy wordt, na goedkeuring, als bijlage bij het arbeidsreglement van het onderwijzend personeel gevoegd.
Mondelinge toelichting ter zitting wordt gegeven door burgemeester Jos Sypré, bevoegd voor onderwijs en personeelszaken.
| Dienst |
Personeel |
| Omschrijving |
opstartkosten en kosten per effectief gebruiker fietslease |
| Raming (incl. btw) |
€ 600,00 |
| Budgetcode |
0112-00/6159999 |
| Beschikbaar krediet |
voorzien in meerjarenplan 2026-2031 (actie 28.1.2) |
Financieel advies: Er is voldoende budget voorzien binnen het meerjarenplan.
Er is een tussenkomst door raadslid Lode Vanneste beantwoord door burgemeester Jos Sypré.
Artikel 1: De gemeenteraad keurt de fietspolicy van het onderwijzend personeel goed.
Artikel 2: De goedgekeurde fietspolicy wordt als bijlage toegevoegd aan het arbeidsreglement van het onderwijzend personeel.
Artikel 3: Deze beslissing wordt ter kennis gebracht van dhr. provinciegouverneur, zoals bepaald in artikel 330 e.v. van het decreet over het lokaal bestuur.
Het project Akkerstraat-Beverhoutsveldstraat werd opgesplitst in 2 afzonderlijke aanbestedingsdossiers. Het eerste deel met de hoofdas is in uitvoering. Het tweede deel genaamd: 'Riolering zijstraten Akkerstraat-Beverhoutsveldstraat' omvat delen van van de Veldkapellestraat, Vullaertstraat, Beekstraat, Rogierveldstraat, Lijsterhoek, Molenstraat en de Berendonkstraat. Het ontwerp werd opgemaakt door studiebureau Sweco. De werken omvatten de aanleg van een vuilwaterriool. Waar geen grachten zijn wordt ook een regenwaterriool aangelegd. De wegenis wordt uitgevoerd in asfalt. In wegen met een variabele breedte wordt dit heraangelegd in een vaste breedte. De opritten worden voorzien in grijze betonstraatstenen. Een eventuele parkeerplaats op openbaar domein in grasdallen.
De totale kostprijs voor de werken wordt geraamd op € 4.375.562,32 ten laste van gemeente Beernem, met een geraamde subsidie van € 1.339.955,52.
De opdracht zal gepubliceerd worden door Aquafin en gegund worden via de openbare procedure.
Van het ontwerp, opgemaakt door studiebureau Sweco, worden het bestek met nr. BRN3025, de gunningswijze, het ramingsbedrag en de lastvoorwaarden ter goedkeuring voorgelegd.
Mondelinge toelichting ter zitting wordt gegeven door schepen Claudio Saelens, bevoegd voor openbare werken.
| Dienst |
infrastructuur |
| Omschrijving |
Riolering zijstraten Akkerstraat-Beverhoutsveldstraat |
| Raming (incl. btw) |
€ 4.375.562,32 met subsidie van € 1.339.955,52 |
| Budgetcode |
0310-00/2270007 (subsidie 0310-00/1500000) |
| Beschikbaar krediet |
€ 3.000.000,00 met subsidie van € 760.000,00 |
Als het budget na aanbesteding ontoereikend blijkt te zijn dan zal een budgetwijziging noodzakelijk zijn.
Financieel advies: Info hierboven klopt.
Er zijn geen tussenkomsten.
Artikel 1: Goedkeuring wordt verleend aan het bestek en de raming voor de opdracht “Riolering zijstraten Akkerstraat-Beverhoutsveldstraat”, opgesteld door studiebureau Sweco. De lastvoorwaarden worden vastgesteld zoals voorzien in het bestek en zoals opgenomen in de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten. De raming van het gemeentelijk aandeel bedraagt € 4.375.562,32 en met een subsidie van € 1.339.955,52.
Artikel 2: Bovengenoemde opdracht wordt gegund bij wijze van de openbare procedure.
Artikel 3: Voor deze opdracht is in het investeringsbudget van 2026-2028 op budgetcode 0310-00/22700007 een bedrag voor uitvoering voorzien van 3 miljoen. Als bij aanbesteding blijkt dat dit bedrag ontoereikend is zal het budget bij de eerstvolgende budgetwijziging aangepast worden.
Artikel 4: Deze beslissing wordt ter kennis gebracht van dhr. provinciegouverneur, zoals bepaald in artikel 330 e.v. van het decreet lokaal bestuur.
Artikel 40 e.v. van het decreet over het lokaal bestuur
Op 22 januari 2026 keurde de gemeenteraad de samenwerkingsovereenkomst goed tussen de provincie West-Vlaanderen, gemeente Wingene en gemeente Beernem voor de aanleg van een fietspad.
De provincie maakte hiervoor een ontwerp op bestaande uit plannen, bestek en raming.
Er wordt een dubbelrichtingsfietspad aangelegd van 2,5m breed aan de noordzijde van de straat achter de bestaande bomenrij en gracht. Plan 1 tot en met 7 bevindt zich op grondgebied Wingene. Plan 8 tot en met 11 betreft grondgebied Beernem.
De werken worden gegund via de openbare procedure.
De provincie vraagt aan de partners in het dossier de goedkeuring van het aanbestedingsdossier.
Mondelinge toelichting ter zitting wordt gegeven door burgemeester Jos Sypré, bevoegd voor mobiliteit.
De werken worden geraamd op € 1.752.219,47 (incl. btw). Er is géén aandeel voor Beernem. De werken op grondgebied Beernem zijn volledig ten laste van de provincie.
Er zijn tussenkomsten door raadsleden Lode Vanneste en Jef Vansteenhuyse, beantwoord door burgemeester Jos Sypré.
Artikel 1: Er wordt goedkeuring verleend aan het ontwerp, het bestek en de raming voor de opdracht 'Fietspad Torenweg', opgesteld door de provincie West-Vlaanderen. De lastvoorwaarden worden vastgesteld zoals voorzien in het bestek en zoals opgenomen in de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten.
Artikel 2: De werken worden geraamd op € 1.752.219,47 (incl btw). Er is géén aandeel voor de gemeente Beernem.
Artikel 3: Bovengenoemde opdracht wordt gegund bij wijze van de openbare procedure.
Artikel 4: Deze beslissing wordt ter kennis gebracht van de heer provinciegouverneur, zoals bepaald in artikel 330 e.v. van het decreet over het lokaal bestuur.
Artikels 40 en 41 van het decreet over het lokaal bestuur
Eind september komt een einde aan de verpachting van het jachtrecht op een gedeelte van het Beverhoutsveld (359 hectare). Dit jachtrecht werd in 2017 toegewezen aan dhr. Jacques Van Hamme voor een termijn van 9 jaar en eindigt op 30 september 2026. Hij betaalt hiervoor een jaarlijkse vergoeding van € 7.820,00 (dit was de basisvergoeding, het bedrag wordt elk jaar geïndexeerd).
Een nieuwe aanbesteding voor de verpachting van het jachtrecht voor de periode 1 oktober 2026 - 30 september 2035 moet opgestart worden. Van de gelegenheid wordt gebruik gemaakt om ook het jachtrecht te verpachten op het perceel achter de nieuwe begraafplaats in Sint-Joris, voor dezelfde periode, gezien de aldaar aanwezige konijnenplaag en de daaruit voortvloeiende, enorme vraatschade aan de landbouwgewassen van aanpalende percelen, aan het geboortebos en zelfs op het kerkhof. Het is aldus noodzakelijk, ter voorkoming van die schade, dat er gejaagd wordt.
Jachtdecreet van 24 juli 1991, met onder meer artikel 11, en haar uitvoeringsbesluiten
Artikel 11.
Het jagen op de domeinen van openbare besturen is alleen geoorloofd ingevolge jachtrecht toegekend volgens de principes van mededinging en transparantie.
De zittende jager en een wildbeheerseenheid zoals bedoeld in artikel 12, hebben het recht bij een aanbesteding voor zover zij deelgenomen hebben aan de aanbesteding een hoger bod te doen. Voor een wildbeheereenheid geldt de voorwaarde dat het domein in kwestie binnen het werkingsgebied van die wildbeheereenheid gelegen moet zijn of aan het werkingsgebied ervan moet grenzen. Het jachtrecht moet worden toegekend aan de hoogst biedende zo dit hoger bod, gedaan binnen de tien dagen volgend op de aanbesteding meer dan één tiende hoger ligt dan de bij de openbare aanbesteding verkregen prijs. Bij gelijk hoger bod geniet de zittende jager de voorkeur zo hij geen inbreuk heeft gepleegd op de vroegere verpachtingsvoorwaarden.
De jachtverpachting heeft een drieledig doel:
De jachtverpachting heeft betrekking op 2 loten.
Het vaststellen van het lastenboek verpachting jachtrecht is een exclusieve bevoegdheid van de gemeenteraad. Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het lastenboek verpachting jachtrecht goed te keuren.
Mondelinge toelichting ter zitting wordt gegeven door schepen Claudio Saelens, bevoegd voor financiën en landbouw.
| Dienst |
Patrimonium |
| Omschrijving |
Verpachting jachtrecht Beverhoutsveld |
| Raming (incl. btw) |
Ontvangst van € 8.000,00 (incl. btw) per jaar |
| Budgetcode |
0050-00/7060002 |
| Ontvangstkrediet |
€ 7.820,00 (2026), € 7.898,00 (2027), € 7.977,00 (2028), € 8.057,00 (2029), |
Er is een tussenkomst door raadslid Gijs Degrande beantwoord door schepen Claudio Saelens.
Artikel 1: De gemeenteraad keurt het lastenboek betreffende de verpachting van het jachtrecht voor de periode 1 oktober 2026 - 30 september 2035 goed.
Artikel 2: Deze beslissing wordt ter kennis gebracht van de heer provinciegouverneur, zoals bepaald in artikel 330 e.v. van het decreet lokaal bestuur.
Artikel 40 e.v. van het decreet over het lokaal bestuur
De Beekstraat in centrum Oedelem is vanaf de Sportstraat een smalle straat met eveneens smalle voetpaden. Wagens rijden er te snel en te dicht bij de voetgangers, soms zelfs over het voetpad, wat een onveilig gevoel geeft, ook bij bewoners die hun woning verlaten.
Vanaf de wegversmalling ter hoogte van de Groenstraat geldt in de Beekstraat een snelheidsbeperking tot 50 km/u (bebouwde kom). De rijweg is er 6m breed (2 betonvakken van 3 meter breed).
Vanaf het verkeersplateau aan het kruispunt met de Sportstraat wijzigt het profiel van de rijbaan drastisch namelijk een smalle rijweg van 4,8 meter goten inbegrepen met alternerend parkeren op verhoogde berm.
Het smalle wegprofiel vanaf het verkeersplateau sluit goed aan bij een gewenst snelheidsregime van 30 km/u. Er wordt dan ook voorgesteld om een snelheidsbeperking tot 30 km/u in te voeren in de Beekstraat vanaf het verkeersplateau aan de Sportstraat tot aan de Bruggestraat. Dit gedeelte sluit bijgevolg aan op de zone 30 van Oedelem centrum en zal er dan in opgenomen worden. Hierdoor vallen de kruispunten met de Sportstraat, Sint-Jansdreef en Haverbilken ook in de zone 30. Deze zijstraten zelf zijn ook reeds zone 30.
Deze maatregel betreft een gemeenteweg.
Dit kan gereglementeerd worden door een wijziging van artikel 4 'snelheidsbeperkingen' in "Afdeling I Gemeentewegen" van het gecoördineerd gemeentelijk aanvullend reglement op de politie op het wegverkeer van 3 juli 2014.
Mondelinge toelichting ter zitting wordt gegeven door burgemeester Jos Sypré, bevoegd voor mobiliteit.
Foto's Beekstraat
Er zijn geen tussenkomsten.
Artikel 1: In het gecoördineerd gemeentelijk aanvullend reglement op de politie op het wegverkeer van 3 juli 2014 worden onder "Afdeling I - Gemeentewegen - Artikel 4.3) Op volgende wegen of weggedeelten wordt een zone 30 uitgebouwd" de volgende locatie toegevoegd:
Deze "zone 30" wordt afgebakend door de plaatsing van het verkeersbord F4a bij elke toegang en het verkeersbord F4b bij elke uitgang van de "zone 30".
Artikel 2: Deze beslissing wordt ter kennis gebracht van dhr. provinciegouverneur, zoals bepaald in artikel 330 en volgende van het decreet lokaal bestuur.
Artikel 40 e.v. van het decreet lokaal bestuur.
Met het "DNA van het dorp" wil de provincie West-Vlaanderen levendige dorpen versterken en de lokale besturen ondersteunen bij de opmaak van een masterplan voor een van hun dorpen en helpen om ontwikkelingen in kleine dorpskernen in goede banen te leiden. Hiertoe keurde de provincie een subsidiereglement goed.
Ruimtelijke instrumenten zoals de opmaak van een beleidsplan ruimte, het opstellen van een Ruimtelijk Uitvoeringsplan (RUP) voor het dorp of de bescherming van een dorpszicht, vragen om een visueel, goed onderbouwd masterplan waar iedereen zich achter kan scharen: zowel bewoners, bestuurders als experten.
In de periode 2026 - 2031 ondersteunt de provincie daarom jaarlijks vier gemeenten. Ze voorziet in de helft van de kosten, met een maximumbedrag van € 35.000,00. De geselecteerde gemeenten worden nauwgezet begeleid met personeel, advies en een engagement om het masterplan nadien om te zetten in de praktijk. Voor de opmaak van de masterplannen heeft de provincie vier bureaus aangeduid om de gemeenten te begeleiden.
Oedelem staat voor grote ruimtelijke én maatschappelijke uitdagingen. Een grote woningdruk die inbreiding nodig maakt, maar de identiteit van het dorp, zijn erfgoed en zijn leefbaarheid bedreigt. Er is een toenemende mobiliteitsdruk die de draagkracht van de dorpskern dreigt te overstijgen. In Oedelem is tevens heel weinig kwalitatieve binnen- en buitenruimte waar ontmoeting en sociale cohesie kan groeien en het socio-culturele leven zich kan ontplooien.
We hebben nood aan richtlijnen voor:
Het masterplan DNA van het dorp kan een geschikt plan zijn waarbij de verschillende ontwikkelingen gezamenlijk onderzocht worden en op elkaar afgestemd worden en die richting geeft aan toekomstige beleidskeuzes.
Het reglement trad in werking sedert 1 februari 2026 en loopt tot 31 december 2031. Jaarlijks in juni lanceert de provincie een oproep. De oproeptermijn voor 2026 is 30 september. Een traject voor het opstellen van een DNA-masterplan heeft een doorsneedoorlooptijd van zes maanden, zodat het hele proces, van aanmelding tot oplevering, beknopt blijft.
Provinciaal reglement voor DNA-masterplannen in dorpen van de provincie West-Vlaanderen
Dit aanbod vanuit en met financiële steun van de provincie kan een mooie opportuniteit zijn.
Het beantwoordt aan de beleidsdoelstellingen in de meerjarenplanning, het kerkenbeleidsplan en het onroerend erfgoedbeleidsplan:
Het engagement van de gemeente wordt gevraagd.
Mondelinge toelichting ter zitting wordt gegeven door burgemeester Jos Sypré.
De totale kostprijs bedraagt € 70.000,00. De provincie en de gemeente betalen elk de helft. Naast de financiële bijdrage vraagt het traject ook een substantiële personeelsinzet vanuit de gemeente.
Er dient € 35.000,00 voorzien te worden via wijziging meerjarenplan.
Er zijn tussenkomsten door raadsleden Nele Deslyper, Gijs Degrande en Jef Vansteenhuyse, beantwoord door burgemeester Jos Sypré en schepen Ruben Strobbe.
Artikel 1: Er wordt ingetekend op de oproep 'DNA van het dorp-masterplan 2026'. Het aanmeldingsformulier wordt ingediend voor de deelgemeente Oedelem.
Artikel 2: Het budget van € 35.000,00 wordt voorzien via wijziging meerjarenplan.
Artikel 3: Deze beslissing wordt ter kennis gebracht van dhr. provinciegouverneur, zoals bepaald in artikel 330 e.v. van het decreet over het lokaal bestuur.
Artikels 40 en 41 van het decreet over het lokaal bestuur.
In navolging van de collegebeslissing van 4 oktober 2024 met referentie CBS/2024/1796 waarbij er wordt gevraagd om het reglement d.d. GR 18 december 2006 met betrekking tot het overwelven van baangrachten aan te passen zodat het onderhoud van de duikers (ad hoc) door de gemeente kan worden georganiseerd, werd het bestaande reglement herbekeken.
Baangrachten hebben als belangrijkste functie het regenwater van de weg opvangen en afvoeren. Een goed grachtensysteem helpt overstromingen voorkomen. Het zorgt ervoor dat water kan infiltreren in de bodem of vertraagd stroomafwaarts loopt.
Grachten hebben ook een ecologische functie, o.a. bij de nazuivering van water. Door het open karakter en de omringende vegetatie vormen ze ook een belangrijk landschapselement in landelijke kernen.
Het dempen, inbuizen of overwelven van grachten kan afvoerings- en infiltratieproblemen veroorzaken en kan het lokale waterbeheerstelsel verstoren.
De gemeente wil die belangrijke functies van baangrachten optimaal beschermen door ze open te houden. Is een overwelving of inbuizing vereist, dan kan dit enkel onder strikte voorwaarden.
Het nieuwe reglement vermeldt de principes voor een overwelving of inbuizing van een baangracht langs gemeentewegen. Bovendien wordt in het reglement opgenomen dat de overwelving of inbuizing uitgevoerd wordt in opdracht van de gemeente, evenals het herstel ervan, zodat dit op een uniforme en kwalitatieve (volgens de regels van de kunst) manier gebeurt en volgens de geldende richtlijnen. De kosten (van de materialen) worden teruggevorderd van de eigenaar. De eigenaar is ertoe gehouden de overwelving of inbuizing te onderhouden. Zo niet, zal de gemeente het onderhoud doen en de gemaakte kosten (van materiaal en werkuren) verhalen op de eigenaar. De eigenaar is dus in de eerste plaats verantwoordelijkheid voor het vrijhouden van de gracht en kan dit niet zomaar afschuiven op de gemeente.
Op 1 maart 2026 trad het gewijzigde vrijstellingsbesluit in werking. De wijzigingen in het vrijstellingsbesluit hebben onder meer betrekking op het overwelven van baangrachten. Zo koppelt het gewijzigde vrijstellingenbesluit de vrijstelling inzake overwelving van baangrachten voortaan los van een welbepaald gebouw of gebied waardoor deze ook toegepast kan worden voor bijvoorbeeld een onbebouwd landbouwperceel in woongebied. Daarnaast is de maximale lengte van een vrijgestelde overwelving of inbuizing van 5 meter voor overwelvingen in agrarisch gebied uitgebreid naar maximaal tien meter, als de aanliggende weg een rijbaanbreedte heeft die kleiner is dan vier meter, en maximaal 7,50 meter in de andere gevallen. Deze wijzigingen werden opgenomen in het ontwerpreglement.
Dit ontwerpreglement werd voorgelegd aan de landbouwraad en de milieuraad. Vanuit de milieuraad kwamen er geen opmerkingen. De landbouwraad had opmerkingen over enerzijds het feit dat er slechts 1 overwelving per (landbouw)goed vrijgesteld wordt en anderzijds over de afstand van schadeclaims in geval van openbare werken aan de overwelving. Het artikel over de afstand van schadeclaims hoort inderdaad niet thuis in een reglement en werd geschrapt. Voor wat betreft het feit dat er een vrijstelling voorzien is voor (slechts) 1 overwelving per (landbouw)goed, wat een aaneensluiting kan zijn van verschillende kadastrale percelen van dezelfde eigenaar, en dat dit een ongelijke behandeling zou zijn van de landbouwbedrijven, wordt hieronder geargumenteerd waarom dit zo in het reglement is opgenomen.
De landbouwraad verliest hier de hogere wetgeving uit het oog: het vrijstellingsbesluit verleent een expliciete vrijstelling voor onderstaande constructies (zie enkele artikels uit het Vrijstellingsbesluit hieronder). Wij kunnen hier als gemeente uiteraard niet van afwijken:
HOOFDSTUK 12/1 Diverse vrijstellingen
Artikel 12.1/3. Een omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen is niet nodig voor het aanbrengen van maximaal één overwelving of inbuizing van een baangracht per goed. De lengte van de overwelving of inbuizing bedraagt maximaal vijf meter. De overwelving of inbuizing heeft een minimale binnendiameter van 400 millimeter.
HOOFDSTUK 5 Land- en tuinbouw
Artikel 5.2. Een omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen is niet nodig voor de plaatsing van de volgende zaken, als ze in agrarisch gebied in de ruime zin liggen …
3°/1 het aanleggen, vervangen of herinrichten van perceelsopritten, met inbegrip van de eventueel daarvoor strikt noodzakelijke overwelving of inbuizing van grachten met een maximum van één overwelving of inbuizing per goed of landbouwgoed, voor zover niet gelegen in vastgestelde archeologische zones. De lengte van de overwelving of inbuizing bedraagt maximaal tien meter, als de aanliggende weg een rijbaanbreedte heeft die kleiner is dan vier meter, en maximaal 7,50 meter in de andere gevallen. De overwelving of inbuizing heeft een minimale binnendiameter van 400 millimeter;
Waarbij een goed in artikel 1 van het vrijstellingsbesluit gedefinieerd wordt als: "het kadastrale perceel of de kadastrale percelen waarop de handelingen betrekking hebben, of, voor de percelen zonder kadastraal nummer, de grond of de gronden waarop de handelingen betrekking hebben. Hierbij worden de aangrenzende kadastrale percelen, die dezelfde eigenaar hebben, beschouwd als deel uitmakend van het goed".
Dus enkel in de hierboven opgesomde gevallen wordt de overwelving of inbuizing van grachten vrijgesteld van omgevingsvergunning. Dit is ook zo overgenomen in ons reglement. In alle andere gevallen kan, voor een extra overwelving, een omgevingsvergunning aangevraagd worden. Dan bedraagt de maximale lengte 5 meter, maar langer kan ook als dit nodig blijkt in het kader van de bedrijfsvoering. Dit staat zo in ons reglement en is overgenomen uit hogere wetgeving, meer bepaald het Besluit onbevaarbare waterlopen (zie artikel 23 hieronder):
Artikel 23. § 1. Een omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen, zoals vermeld in artikel 4.2.1. Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, voor het overwelven of inbuizen van een gracht kan alleen verleend worden om toegang tot een perceel te verlenen, te verbeteren of om werken van algemeen belang uit te voeren.
§ 2. De omgevingsvergunning als vermeld in de eerste paragraaf, kan slechts goedgekeurd worden als de werken voldoen aan al de volgende voorwaarden:
1° de overwelving of inbuizing van de gracht veroorzaakt geen schadelijk effect als vermeld in artikel 1.1.3, § 2, 18°, van het gecoördineerd decreet van 15 juni 2018 en veroorzaakt geen ongewenste vernatting van aanpalende landbouwgronden buiten SBZ en VEN; en is in overeenstemming met de doelstellingen van het integraal waterbeleid, als vermeld in artikel 1.2.2. van het gecoördineerd decreet van 15 juni 2018;
2° er is maar één overwelving of inbuizing per kadastraal perceel. Als verschillende kadastrale percelen door gebruik één geheel vormen, wordt er maar één overwelving of inbuizing voor het geheel van die percelen aangebracht, tenzij de aanvrager kan aantonen dat meer dan één overwelving redelijkerwijs noodzakelijk is voor het normale gebruik en de vlotte ontsluiting van de gronden.
De lengte van de overwelving of inbuizing mag maximaal vijf meter bedragen. De vergunningverlenende overheid kan een afwijking van de maximale lengte toestaan om een van de volgende redenen:
1° voor werken van algemeen belang;
2° om redenen van gezondheid of veiligheid voor de bewoners van de woning waarvoor de overwelving wordt aangelegd;
3° de lengte van vijf meter volstaat niet om toegang tot het perceel of de percelen in kwestie te verlenen.
De aanvrager motiveert de noodzaak om af te wijken van de maximale lengte. Het feit dat de toegang tot het perceel gebruikt wordt door andere voertuigen dan personenwagens en lichte bestelwagens, geldt als voldoende motivering om af te wijken tot 7,5 meter. Als uit een gemotiveerde aanvraag blijkt dat 7,5 meter niet volstaat, kan de vergunningverlenende overheid daar ook van afwijken. Bij elke overwelving of inbuizing van meer dan 7,5 meter moet de infiltratie van hemelwater blijvend verzekerd worden en worden hiertoe indien nodig bijkomende maatregelen genomen;
4° de overwelving of inbuizing is voldoende groot om het opwaarts afstromende debiet te kunnen afvoeren en heeft een minimale binnendiameter van 400 millimeter;
5° de buizen worden in een volledig geruimde grachtbodem geplaatst. Bij de plaatsing wordt er geen schade toegebracht aan de grachtkanten en de nutsleidingen. De overgang van het open grachtprofiel naar de overwelving of inbuizing wordt zo afgewerkt dat uitspoeling niet mogelijk is.
§ 3. De vergunningverlenende overheid kan bijkomende voorwaarden opleggen, onder meer voor de aanvulling van de sleuf rond de inbuizing, het aanbrengen van kopmuren en inspectieschouwen.
De vergunninghouder of zijn rechtsopvolger is verantwoordelijk voor de goede staat en werking van de overwelving. Hij ruimt de overwelving of inbuizing en houdt ze vrij van alle obstakels die een goede afwatering verhinderen.
Een landbouwer kan dus altijd een omgevingsvergunning aanvragen voor een extra overwelving mocht dit noodzakelijk zijn voor het normale gebruik en de vlotte ontsluiting van de gronden. Ook kan afgeweken worden van de maximale lengte van 5 meter als dit noodzakelijk zou zijn in het kader van bedrijfsvoering. Hetgeen de landbouwraad vraagt in haar advies, namelijk "Voor landbouwgoederen kan het college bijkomende overwelvingen toestaan wanneer deze noodzakelijk zijn voor een veilige, efficiënte en duurzame landbouwexploitatie. Daarbij wordt rekening gehouden met de perceelstructuur, de aard van de landbouwactiviteiten, de gebruikte landbouwvoertuigen en de verkeersveiligheid.", is impliciet al in het reglement opgenomen.
Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het reglement met betrekking tot het overwelven van baangrachten goed te keuren.
Mondelinge toelichting ter zitting wordt gegeven door schepen Claudio Saelens, bevoegd voor openbare werken en integraal waterbeleid.
Er zijn tussenkomsten door raadsleden Nele Deslyper en Jef Vansteenhuyse, beantwoord door burgemeester Jos Sypré en schepen Claudio Saelens.
Artikel 1: De gemeenteraad beslist om het agendapunt te verdagen naar een volgende zitting omwille van het ontbreken van het advies van de milieuraad.
Artikel 2: Deze beslissing wordt ter kennis gebracht van dhr. provinciegouverneur, zoals bepaald in artikel 330 en volgende van het decreet lokaal bestuur.
Artikel 40 en 41 van het decreet over het lokaal bestuur.
De gemeentelijke website is aan vernieuwing toe. De huidige website voldoet op verschillende vlakken niet meer aan de hedendaagse standaarden. Het is wenselijk om een nieuwe, hedendaagse website te bouwen om de digitale dienstverlening en de informatiestroom te optimaliseren.
Bij opmaak van het meerjarenplan ontving het gemeentebestuur een raming van budget. Op basis hiervan werd een eerste bestek opgemaakt en verstuurd. We ontvingen één offerte, waaruit bleek dat de raming niet realistisch was. Omdat het verschil tussen het voorziene budget en de offerte te groot was, besloot het gemeentebestuur de opdracht in te trekken en het budget te verhogen. Door deze budgetverhoging is het dossier nu gemeenteraadsbevoegdheid. Met een hoger budget én bijgestuurd bestek kunnen we de verwachtingen realiseren.
Zoals beschreven in actie 12.2.2 van het meerjarenplan vernieuwen we de gemeentelijke website en bouwen we een hedendaagse, performante website.
Een performante website heeft onder meer volgende kenmerken:
De verschillende overheden (gemeentelijk, Vlaams, Europees …) willen een lokaal digitaal ondernemersloket aanbieden om ondernemers vlot te begeleiden (Q&A, subsidiemogelijkheden, vergunningen en wetgeving, info startups). Bij de opbouw van de nieuwe website wordt onderzocht wat de mogelijkheden zijn voor een digitaal ondernemersloket, al dan niet geïntegreerd in de gemeentelijke website.
Mondelinge toelichting ter zitting wordt gegeven door schepen Ruben Strobbe, bevoegd voor informatica.
| Dienst |
Communicatie |
| Omschrijving |
Vernieuwen gemeentelijke website |
| Raming (incl. btw) |
€ 40.000,00 |
| Budgetcode |
0119-00/2410000 |
| Beschikbaar krediet |
€ 14.520,00 (2026, wordt verhoogd naar € 40.000,00 bij eerstvolgende MJPA) |
| Dienst |
Communicatie |
| Omschrijving |
Onderhoudscontracten computermaterieel en software |
| Raming (incl. btw) |
€ 8.000,00 |
| Budgetcode |
0119-00/6142300 |
| Beschikbaar krediet |
€ 64.577,04 (2026) |
Advies financiële dienst: In het meerjarenplan 2026-2031 zal bij eerstvolgende meerjarenplanaanpassing een extra uitgave van € 25.480,00 voorzien worden op budgetartikel 0119-00/2410000 van de buitengewone dienst. De jaarlijkse kost is vastgelegd op € 8.000,00 (incl. btw).
De N-VA fractie dient amendementen in :
AMENDEMENT 1 – HERWEGING VAN DE GUNNINGSCRITERIA
Artikel 5
De gewichten in hoofdstuk I.10 ‘Gunningscriteria’ worden als volgt aangepast:
Voor elk kwalitatief criterium wordt de toegekende beoordeling op twintig punten omgerekend volgens de formule:
behaalde kwaliteitsscore / 20 × gewicht van het criterium.
Voor het criterium prijs wordt de score berekend op basis van de vooraf vastgelegde totale kostprijs over de volledige evaluatieperiode. De berekeningsmethode wordt vóór de uitnodiging van de inschrijvers ondubbelzinnig in het bestek opgenomen.
Motivering
De voorgestelde verhouding van 30 punten voor prijs tegenover 25 punten voor het volledige CMS en alle functionaliteiten legt te veel nadruk op de initiële prijs. De gemeente koopt geen eenvoudige informatieve website, maar een organisatie kritisch digitaal platform met persoonsgegevens, authenticatie, formulieren, betalingen en talrijke externe koppelingen. Het vooropgestelde budget lijkt ons verder ontoereikend voor een project van dergelijke omvang.
Privacy en informatieveiligheid wegen in het huidige bestek slechts voor tien punten. Een veiligheidsprobleem kan nochtans veel grotere financiële, juridische en reputatieschade veroorzaken dan het prijsverschil tussen twee offertes. Met deze aanpassing blijft prijs belangrijk, maar krijgen kwaliteit, functionaliteit en veiligheid samen het doorslaggevende gewicht.
AMENDEMENT 2 – TOEKOMSTGERICHTE INTEGRATIEMOGELIJKHEID VOOR DIGITALE ASSISTENTEN
Artikel 6
De architectuur en de gedocumenteerde API moeten het mogelijk maken om in een later, afzonderlijk traject een digitale assistent te koppelen die gecontroleerde handelingen in achterliggende toepassingen kan initiëren of uitvoeren, i.e. een AI-agent.
Dit omvat niet de ontwikkeling, licentiëring of ingebruikname van een AI-agent binnen de huidige opdracht. Het beoogt uitsluitend te vermijden dat de nieuwe website technisch gesloten wordt gebouwd of binnen enkele jaren geheel of gedeeltelijk vervangen moet worden.
Motivering
Het bestek voorziet reeds een generatieve zoekfunctie en optioneel een virtuele assistent. Deze toepassingen kunnen informatie terugvinden en vragen beantwoorden, maar voeren geen dienstverlening uit.
De volgende stap kan bestaan uit een digitale assistent die bijvoorbeeld een afspraak helpt vastleggen, een reservatie voorbereidt of de eerste stappen van een aanvraag uitvoert. Het is te ambitieus om die toepassing nu al te bouwen. Het is wel verstandig om vandaag de nodige technische openheid te eisen.
Dit amendement omvat niet de ontwikkeling, licentiëring of ingebruikname van een AI-agent binnen de huidige opdracht. Het beoogt uitsluitend te vermijden dat de nieuwe website technisch gesloten wordt gebouwd of binnen enkele jaren geheel of gedeeltelijk vervangen moet worden. Dit amendement bestelt geen AI-agent en breidt de huidige opdracht niet uit met de ontwikkeling ervan.
AMENDEMENT 3 – GEÏNTEGREERD MELDINGENPLATFORM VOOR HET OPENBAAR DOMEIN
Artikel 7
In hoofdstuk I.12 wordt een vereiste optie opgenomen en aan hoofdstuk III.12 wordt een nieuw onderdeel III.12.17 toegevoegd.
I.12 – Vereiste optie
De inschrijver biedt een geïntegreerde meldingsmodule aan die gebaseerd is op het open-sourceplatform FixMyStreet.
III.12.17 – Meldingen openbaar domein
De inschrijver integreert FixMyStreet in de gemeentelijke website en past het platform aan de huisstijl van de gemeente aan.
De toepassing maakt het minstens mogelijk om:
Het huidige algemene meldingsformulier biedt de burger weinig inzicht in bestaande meldingen en de verdere opvolging ervan. FixMyStreet is specifiek ontwikkeld om naast problemen in het openbaar domein eenvoudig en kaartgebaseerd te melden, ook op te volgen.
Het platform is open source, kan aan de gemeentelijke huisstijl worden aangepast en kan meldingen automatisch naar de bevoegde overheid of dienst doorsturen. Het kan eveneens met interne gemeentelijke systemen worden gekoppeld.
Omdat de broncode vrij beschikbaar is voor zowel een website als een applicatie kan de gemeente de implementatie eveneens zelf uitvoeren met de nodige aanzet van de uitvoerder van het bestek.
Bronnen
AMENDEMENT 4 – VERSTERKING VAN DE CYBERVEILIGHEIDSEISEN
Artikel 8
De bepalingen onder hoofdstuk III.8 Privacy en security worden als volgt vervangen:
III.8 - Privacy en security
Motivering
Het huidige bestek bevat reeds enkele relevante veiligheidsvereisten, waaronder ISO 27001-certificering, versleuteling van gegevens en bescherming tegen cyberaanvallen. De formulering van bepaalde bepalingen blijft echter te algemeen en moeilijk afdwingbaar. Zo is de vereiste dat een leverancier "conform NIS2" moet zijn onvoldoende duidelijk. NIS2 legt immers voornamelijk verplichtingen op aan essentiële en belangrijke entiteiten en vormt op zichzelf geen certificeerbaar normenkader.
Bovendien wordt van leveranciers gevraagd om "voldoende securitymaatregelen" te nemen zonder te specificeren welke minimumeisen verwacht worden. Hierdoor ontstaat het risico dat offertes moeilijk objectief met elkaar kunnen worden vergeleken en dat de uiteindelijke beveiliging afhankelijk wordt van interpretatie.
Door een erkenning zoals het CyFun Assurance-label of een gelijkwaardig kader te vragen, krijgt de gemeente een objectief bewijs van de maturiteit van de informatiebeveiliging bij de leverancier. Daarnaast zorgt het verplichten van een Secure Development Lifecycle ervoor dat veiligheid reeds tijdens het ontwerp en de ontwikkeling van de website wordt ingebouwd in plaats van achteraf te worden toegevoegd (security by design).
De opname van OWASP Top 10-bescherming, een dreigingsanalyse en een onafhankelijke penetratietest sluit aan bij gangbare best practices voor moderne webapplicaties. Dit verhoogt de weerbaarheid van de gemeentelijke website tegen cyberaanvallen en biedt de gemeente meer zekerheid over de kwaliteit van de geleverde oplossing.
Naar aanleiding van de ingediende amendementen wordt er voorgesteld om het agendapunt te verdagen.
Artikel 1: De gemeenteraad beslist om het agendapunt te verdagen naar een volgende zitting.
Artikel 2: Deze beslissing wordt ter kennis gebracht van de heer provinciegouverneur, zoals bepaald in artikel 330 e.v. van het decreet over het lokaal bestuur.
Artikelen 40 en 41 van het decreet over het lokaal bestuur.
Libanon zit in een zware humanitaire crisis door oorlog, bombardementen en economische problemen. Meer dan een miljoen mensen zijn op de vlucht en het gezondheidssysteem staat sterk onder druk.
De luchtaanvallen van Israël in verschillende delen van Libanon leiden tot vele doden en gewonden. Meer dan een miljoen mensen zijn op de vlucht en het gezondheidssysteem staat sterk onder druk. Artsen zonder Grenzen werkt sinds 1976 ononderbroken in Libanon. Hun teams boden er voor het eerst medische hulp tijdens de 15-jarige burgeroorlog en doen dit nog steeds: ze behandelen gewonden, ondersteunen ziekenhuizen en sturen mobiele klinieken naar opvangplaatsen voor ontheemden. Daarnaast zorgen ze voor basisgezondheidszorg, mentale hulp en reproductieve zorg, en delen ze essentiële goederen uit zoals dekens, hygiënepakketten en drinkwater.
Samengevat: AZG probeert levens te redden en de gezondheidszorg te ondersteunen in een context van conflict, grote verplaatsingen van mensen en beperkte toegang tot zorg.
De Gros heeft een voorstel ingediend om € 1.000,00 noodhulp toe te kennen aan Artsen Zonder Grenzen die hiervoor een advies hebben geschreven.
| Dienst |
Noord-Zuiddienst |
| Omschrijving |
Noodhulp Libanon |
| Raming (incl. btw) |
€ 1.000,00 |
| Budgetcode |
artikel 0160-00/6499999 'toelage noodhulp' van de gewone begroting 2026 |
| Beschikbaar krediet |
€ 4.000,00 |
Er zijn geen tussenkomsten.
Artikel 1: Er wordt noodhulp toegekend voor een bedrag van van € 1.000,00 ten voordele van Artsen Zonder Grenzen op BE73 0000 0000 6060 met vermelding INT Libanon..
Artikel 2: De toelage wordt benomen op artikel 0160-00/6499999 'toelage noodhulp' van het budget dienstjaar 2026.
Artikel 3: Deze beslissing wordt ter kennis gebracht van dhr. provinciegouverneur, zoals bepaald in artikel 330 e.v. van het decreet over het lokaal bestuur.
Artikel 40 en 41 van het decreet over het lokaal bestuur.
Cfr. het actieplan 8.2 Moderniseren en toegankelijker maken van de bibliotheek van het meerjarenplan 2026–2031 zijn verschillende investeringen voorzien om de toegankelijkheid en het gebruiksgemak van de hoofdbibliotheek te verbeteren en de privacy en veiligheid te waarborgen.
Het voorgelegde bestek geeft uitvoering aan:
De verschillende onderdelen worden gebundeld in één overheidsopdracht, opgedeeld in twee percelen.
De ingebruikname van het onbemand bibliotheeksysteem is in het meerjarenplan voorzien vanaf 1 januari 2027. De bouw van het nieuwe sociaal huis heeft echter ook gevolgen voor de inrichting en infrastructuur van het bibliotheekgebouw. Om de installatie hierop af te stemmen, wordt eerst voldoende duidelijkheid over deze plannen afgewacht. De ingebruikname van het onbemande bibliotheeksysteem wordt daarom voorzien in de eerste helft van 2027.
Er wordt gekozen voor een onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking (OZVB).
Mondelinge toelichting ter zitting wordt gegeven door schepen Patricia Waerniers, bevoegd voor bibliotheek.
Investering
| Dienst |
Bibliotheek |
| Omschrijving |
Implementatie Open Plus systeem bibliotheek |
| Raming (incl. btw) |
€ 19.057,00 (incl. btw) |
| Budgetcode |
MJPO-2026_2031-1/AC-8.2.1/0703-00/2410000/GEMEENTE/CBS/IP-1/U/0 |
| Beschikbaar krediet |
€ 19.057,00 |
| Dienst |
Bibliotheek |
| Omschrijving |
Vervangen inleverbus bibliotheek |
| Raming (incl. btw) |
€ 27.830,00 (incl. btw) |
| Budgetcode |
MJPO-2026_2031-1/AC-8.2.2/0703-00/2300000/GEMEENTE/CBS/IP-1/U/0 |
| Beschikbaar krediet |
€ 27.830,00 |
| Dienst |
Bibliotheek |
| Omschrijving |
Vervangen uitleentoestellen bibliotheek |
| Raming (incl. btw) |
€ 19.965,00 (incl. btw) |
| Budgetcode |
MJPO-2026_2031-1/AC-8.2.4/0703-00/2410000/GEMEENTE/CBS/IP-1/U/0 |
| Beschikbaar krediet |
€ 19.965,00 |
Exploitatie
| Dienst |
Bibliotheek - vervangen veiligheidspoort |
| Omschrijving |
Kosten (administratieve) gebouwen |
| Raming (incl. btw) |
€ 6.292,00 (incl. btw) |
| Budgetcode |
MJPO-2026_2031-1/GBB-GEM-TD/0119-00/6103001/GEMEENTE/CBS/IP-GEEN/U/0 |
| Beschikbaar krediet |
€ 75.734,00 (MJP Actie 8.2.5: € 6.292,00 extra in 2026) |
| Dienst |
Bibliotheek - Open Plus onderhoud + printservice en vervangen PC's |
| Omschrijving |
Computermateriaal (hardware) |
| Raming (incl. btw) |
Open Plus onderhoud: jaarlijks € 2.500,00 extra |
| Budgetcode |
MJPO-2026_2031-1/GBB-ICT/0119-00/6142001/GEMEENTE/CBS/IP-GEEN/U/0 |
| Beschikbaar krediet |
€ 57.642,00 (2026), € 54.384,00 (2027), € 60.072,00 (2028), € 55.773,00 (2029), |
Advies financiële dienst: De nodige budgetten zijn voorzien in het meerjarenplan 2026-2031.
Er is een tussenkomst door raadslid Gijs Degrande beantwoord door burgemeester Jos Sypré en schepen Patricia Waerniers.
Stemverklaring N-VA fractie:
De timing van de aanbesteding en uitvoering van het Open Bib-systeem is onduidelijk en afhankelijk van de voortgang van het nieuwe sociaal huis dat op de site naast de bib moet gerealiseerd worden. Hoe dat laatste project er zal uitzien, wat de impact zal zijn op de bib, is vandaag hoogst onduidelijk, net als de timing ervan. Het lijkt erop dat de (nieuwe) jeugdafdeling opgeofferd zal worden voor een verbindingsgang met het gemeentehuis. De N-VA- fractie kan helemaal niet akkoord gaan met het verminken van de jeugdbib. Daarom onthouden wij ons op dit aanbestedingsdossier.
Artikel 1: Goedkeuring wordt verleend aan het bestek met nr. 2026/BD/005 en de raming voor de opdracht “Implementatie onbemand bibliotheeksysteem + vervangen inleverbus”, opgesteld door de Bibliotheek. De lastvoorwaarden worden vastgesteld zoals voorzien in het bestek en zoals opgenomen in de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten. De raming bedraagt € 92.830,00 (incl. btw).
Artikel 2: Bovengenoemde opdracht wordt gegund bij wijze van de onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking.
Artikel 3: De uitgave voor deze opdracht is voorzien in het meerjarenplan 2026-2031 op budgetcodes 0703-00/2300000 & 0703-00/2410000 van de buitengewone dienst en 0119-00/6103001 & 0119-00/6142001 van de gewone dienst.
Artikel 4: Deze beslissing wordt ter kennis gebracht van dhr. provinciegouverneur, zoals bepaald in artikel 330 en volgende van het decreet lokaal bestuur.
Het gemeentebestuur van Beernem plant de omschakeling naar een DIFTAR-systeem waarbij restafval en GFT via containers worden ingezameld en de kost voor de gebruiker mede wordt bepaald door de hoeveelheid aangeboden afval. De doelstellingen van afvalpreventie, afvalreductie, selectieve inzameling en het principe “de vervuiler betaalt” staan niet ter discussie. De vraag is echter of een containersysteem voor Beernem daarvoor de meest doeltreffende, betaalbare en praktisch haalbare oplossing is.
De Vlaamse regelgeving legt duidelijke doelstellingen op inzake afvalpreventie en restafvalreductie, maar schrijft niet voor dat elke gemeente daarvoor een containersysteem moet invoeren. Het Materialendecreet en VLAREMA bieden lokale besturen ruimte om binnen het wettelijke kader zelf keuzes te maken inzake inzameling, tarifering en sensibilisering. Het behalen van de milieudoelstellingen is het doel; een containersysteem is slechts één mogelijk middel. Vandaag is niet aangetoond dat dit systeem voor Beernem de beste verhouding biedt tussen milieuwinst, kostprijs en gebruiksgemak.
De voorgestelde omschakeling heeft een aanzienlijke financiële impact. Volgens de beschikbare cijfers stijgt de kostprijs van de ophaling voor de gemeente met ongeveer € 67.000,00 per jaar en zouden de inwoners samen ongeveer € 380.000,00 extra bijdragen. Daartegenover staat de vraag welke bijkomende milieuwinst wordt gerealiseerd en of een alternatief een vergelijkbaar resultaat kan bereiken.
Ook praktisch verandert het systeem de afvalinzameling fundamenteel. Containers moeten worden gestockeerd en verplaatst. Dat kan bijzonder moeilijk zijn voor senioren, personen met een beperkte mobiliteit, inwoners met fysieke beperkingen en bewoners van appartementen of woningen met weinig opslagruimte.
Tegen de geplande invoering werd een petitie georganiseerd. Daarin vragen inwoners van Beernem om het DIFTAR-containersysteem niet in te voeren. Zij wijzen onder meer op de hoge kost, de praktische problemen voor inwoners met beperkte ruimte en voor senioren en personen met een beperkte mobiliteit, en het risico op meer sluikstorten. De petitie vraagt bovendien om goedkopere en gebruiksvriendelijkere alternatieven te onderzoeken. Natuurlijk vervangt een petitie geen objectieve beleidsanalyse, maar de grote respons is wel een duidelijk signaal vanuit de bevolking dat niet genegeerd kan worden.
Mondelinge toelichting wordt gegeven door raadslid Gijs Degrande.
Er zijn tussenkomsten door raadsleden Janne Martelez, Nele Deslyper, Jef Vansteenhuyse, Gijs Degrande, schepen Ruben Strobbe, schepen Vicky Reynaert, burgemeester Jos Sypré en de voorzitter.
Stemverklaring Groen fractie:
Groen steunt het principe van DifTar en de milieudoelstelling (van 126 naar 90 kg restafval per inwoner tegen 2030) en wil het systeem niet stilleggen. Een opschorting brengt een financiële kost voor de gemeente mee en lost de aangehaalde problemen niet op. Maar wij zijn ook niet blind voor wat hier vandaag wordt aangehaald. De kost van DifTar is voor sommige inwoners moeilijk te dragen, en die bezorgdheid is reëel. Het antwoord ligt volgens Groen niet in stilleggen, maar in het sociaal doen werken van het systeem. Groen verwijst naar zijn drie voorstellen van juni 2026, waarvan enkel de indexering werd overgenomen en de twee sociale uitbreidingen werden weggestemd, en vraagt het college met aandrang om werk te maken van effectieve, zo automatisch mogelijke sociale correcties. Groen steunt de opschorting niet en stemt tegen.
Het agendapunt wordt verworpen met 13 neen-stemmen tegen het agendapunt door de fracties van CD&V, Vooruit en Groen en 7 ja-stemmen voor het agendapunt van de fractie N-VA.
Artikel 1: De gemeenteraad neemt kennis van de petitie tegen de invoering van het DIFTAR-containersysteem en van de daarin geformuleerde bezorgdheden en verzoeken.
Artikel 2: De gemeenteraad onderschrijft de doelstellingen inzake afvalpreventie, afvalreductie, selectieve inzameling en het principe “de vervuiler betaalt”, maar stelt vast dat deze doelstellingen niet noodzakelijk afhankelijk zijn van de invoering van een containersysteem.
Artikel 3: De gemeenteraad vraagt het college van burgemeester en schepenen om de verdere invoering van het DIFTAR-containersysteem op te schorten in afwachting van een objectieve evaluatie. Deze evaluatie brengt daarbij minstens de volgende elementen in kaart:
De resultaten van de evaluatie worden vervolgens opnieuw ter bespreking en beslissing aan de gemeenteraad voorgelegd.
Artikel 4: Deze beslissing wordt ter kennis gebracht van dhr. provinciegouverneur, zoals bepaald in artikel 330 e.v. van het decreet over het lokaal bestuur
De vragen en suggesties, ingediend door de gemeenteraadsleden, worden besproken.
Artikel 1: De volgende vragen en suggesties worden behandeld:
Raadslid Lien De Wispelaere
Bloemen aan bruggen => vraag van de gemeenteraad van 18 juni 2026 wordt hernomen wegens afwezigheid van de bevoegde schepen
Steeds meer steden en gemeenten proberen extra kleur in de gemeente te brengen door bepaalde locaties met bloemen en planten op te sieren. En de inwoners te laten genieten van de bloemenpracht.
Dus daarom deed ik graag de suggestie om ook eens te bekijken of er een mogelijkheid is om onze bruggen hier in Beernem op te fleuren met bv. bloembakken.
Raadslid Martine Deloof
Zebrapad t.h.v. Onze Keuken
Het zebrapad ter hoogte van Onze Keuken in de Sint-Andreaslaan is plots verdwenen. Omdat deze oversteekplaats door vele bewoners werd gebruikt vragen ze of het er terug kan komen? Er is inderdaad een zebrapad aan de lichten maar er stapt of fietst niemand naar de lichten om dan terug te komen en dit zorgt door het vele verkeer voor gevaarlijke situaties.
Vervangbussen station
Daar er zo nu en dan geen treinen rijden in het weekend rijden er vervangbussen, maar voor de reizigers is de signalisatie onduidelijk.
Waar is de voorkant en waar is de achterkant van het station waar de vervang bushalte zich bevindt?
Alsook worden de tijdstippen van de bussen niet gerespecteerd ? De bussen vertrekken te vroeg !
Raadslid Nele Deslyper
Stand van zaken PFAS- vervuiling en sanering DCC Ryckevelde
De bescherming van onze inwoners tegen PFAS is voor Groen al jaren een belangrijk dossier. Het Damage Control Center aan ’t Maandagse ligt op ons grondgebied. Al sinds de jaren ’70 vinden daar blusoefeningen plaats met PFAS-houdend blusschuim.
In de vorige legislatuur waren het ons raadslid Roos Lambrecht en milieuschepen Jan Vanassche die dit dossier hier op tafel legden, samen met onze Brugse collega Andries Neirynck. Na een tussenkomst van Roos werd de site door Beernem bij OVAM aangemeld als verdachte locatie, waarna het onderzoek startte.
In 2022 stelde OVAM vast dat zowel de bodem als het grond- en oppervlaktewater er ernstig verontreinigd zijn. En dat in het Ryckeveldebos, met bijzonder kwetsbaar grondwater en grenzend aan habitatrichtlijngebied.
OVAM vroeg Defensie toen om een bodemdeskundige aan te stellen met het oog op sanering.
Maar we zijn ondertussen vier jaar verder.
Uit recente informatie blijkt dat een verhuis van het DCC niet aan de orde is. Uit het antwoord van minister Francken op een parlementaire vraag van Matti Vandemaele blijkt dat het bodemonderzoek nog altijd loopt, dat de vervuiling nog niet volledig is afgebakend en dat er nog altijd geen timing is voor de sanering.
En zolang die sanering uitblijft, kan de vervuiling zich verder verspreiden via het grond- en oppervlaktewater. Dat is geen theoretisch risico. Dat is net de kern van het PFAS-probleem.
Dit is dus ook een Beernems dossier. De site ligt op ons grondgebied, veel Beernemnaren wandelen er en de vervuiling stopt niet aan de omheining. Stroomafwaarts zijn al sporen vastgesteld richting de Assebroekse Meersen. Er geldt nog altijd een no-regretzone. Het gaat dus over onze bodem, ons water, onze natuur en uiteindelijk over de gezondheid van onze inwoners.
Ik weet dat de site eigendom is van Defensie en dat Beernem zelf niet kan saneren. Maar dat is ook niet wat ik vraag.
De federale regering trekt vandaag grote extra middelen uit voor Defensie. Dan mag toch ook verwacht worden dat Defensie verantwoordelijkheid neemt voor de historische vervuiling die ze zelf veroorzaakt heeft. Investeren in veiligheid is ook investeren in proper water en een gezonde bodem.
Mijn vraag is daarom heel concreet.
Want vier jaar wachten op een sanering van een vervuiling die de overheid zelf ernstig genoeg vindt om beschermingsmaatregelen op te leggen, dat is gewoon niet aanvaardbaar.
Raadslid Piet De Rycke
Ontharding
We hebben deze zomer weeral gemerkt hoe belangrijk het is het hemelwater maximaal op te vangen en mogelijks te laten infiltreren in de grond. De blijvende aandacht in de media voor droogtemaatregelen zorgt ondertussen voor de nodige bewustwording.
Om de noodzakelijke mindshift door te zetten tonen we als gemeente het goede voorbeeld met enkele onthardingsprojecten. Aan OC De Kleine Beer werd een mooi project gerealiseerd en in de gemeenteraad van oktober 2025 werd me beloofd dat de plannen voor ontharding Tiengemeten ook klaarliggen.
Ik ontdekte onlangs op een studiedag van de WVI een handige tool om makkelijk toekomstige projecten te detecteren: De onthardingsscanner
Deze tool van de Vlaams overheid brengt adhv kaartanalyse de verharding in beeld. De analyse brengt potenties voor ontharding in beeld en biedt bovendien ook een doorvertaling naar beleid en realisatie.
De tool vraagt enige expertise (in GIS) maar ik kan alvast meegeven dat de WVI hierin al ervaring heeft, zie (link handleiding en) voorbeeld:
https://www.wvigisco.be/best-practices/ruimtelijke-ordening/onthardingsscanner/
Raadslid Jef Vansteenhuyse
Coopstroom
Uit een schrijven van Coopstroom aan de gemeente blijkt dat de coöperatie in moeilijke papieren zit. Coopstroom tekent al jaren verlies en wil nu een faillissement afwenden door zoveel mogelijk te verkopen. Op dit moment is het voor de gemeente geen goede zaak om in te gaan op die vraag. Daarom vragen wij om niet in te gaan op het voorstel en niets over te nemen.
Raadslid Gijs Degrande
Reveil
Zal Beernem dit jaar deelnemen aan Reveil? Wij hopen van wel.
Raadslid William Brysse
Betrekken verenigingen bij onthaal nieuwe inwoners
Jaarlijks verwelkomt onze gemeente nieuwe inwoners. Dat is een mooi moment om hen niet alleen kennis te laten maken met de gemeentelijke dienstverlening, maar ook met wat de Beernemse gemeenschap te bieden heeft. Ons verenigingsleven speelt daarin een cruciale rol. Sportclubs, jeugdverenigingen, cultuurverenigingen en middenveldorganisaties zorgen voor ontmoeting, engagement en verbondenheid. Tegelijk horen we steeds vaker dat verenigingen het moeilijk hebben om nieuwe leden, vrijwilligers en deelnemers te bereiken.
Ook voor mensen die pas in Beernem wonen, is het niet altijd evident om snel een beeld te krijgen van het brede aanbod aan verenigingen en activiteiten in onze gemeente.
Daarom doen we graag het voorstel om het Beernemse verenigingsleven mee uit te nodigen op het jaarlijkse verwelkomingsmoment voor nieuwe inwoners. Geef hen de ruimte om met een infostandje laagdrempelig kennis te maken met de geïnteresseerde nieuwe inwoners. Zo kunnen nieuwe inwoners sneller hun weg vinden en versterken we het Beernemse verenigingsleven.
Vandaar de vraag: Kan het college bekijken hoe dit vanaf de volgende editie structureel kan worden opgenomen?
Raadslid Lode Vanneste
Vertegenwoordiging gemeentebestuur
Tijdens de gemeenteraad van mei 2026 bleek bij de bespreking van een agendapunt over een intergemeentelijke samenwerking dat een bevoegde vertegenwoordiger van het gemeentebestuur afwezig was geweest op een eerdere vergadering. Vanuit het oogpunt van transparantie en democratische controle heb ik daarom in juni schriftelijk gevraagd naar de aan- en afwezigheden van de leden van het schepencollege in gemeentelijke adviesraden, intercommunales, intergemeentelijke samenwerkingsverbanden en andere externe organisaties waarin zij onze gemeente vertegenwoordigen.
| Burgemeester / schepen |
Adviesraad / orgaan |
Vergaderingen |
Aanwezig |
Niet aanwezig* |
Aanwezigheid % |
| Vicky Verstringe |
Milieuraad |
5 |
5 |
0 |
100% |
|
|
Seniorenadviesraad |
6 |
6 |
0 |
100% |
|
|
TOTAAL |
11 |
11 |
0 |
100% |
| Vicky Reynaert |
GROS |
4 |
4 |
0 |
100% |
|
|
Lokaal overleg kinderopvang |
6 |
6 |
0 |
100% |
|
|
Raad voor personen met een beperking |
7 |
5 |
2 |
71,4% |
|
|
TOTAAL |
17 |
15 |
2 |
88,2% |
| Jos Sypré |
Vervoerregioraad Brugge |
9 |
7 |
2 |
77,8% |
|
|
Provinciale commissie voor verkeersveiligheid |
1 |
1 |
0 |
100% |
|
|
Raad voor lokale economie |
5 |
4 |
1 |
80% |
|
|
TOTAAL |
15 |
12 |
3 |
80% |
| Claudio Saelens |
Landbouwraad |
6 |
6 |
0 |
100% |
|
|
Prolocus OFP |
2 |
1 |
1 |
50% |
|
|
TOTAAL |
8 |
7 |
1 |
87,5% |
| Patricia Waerniers |
Raad voor cultuur, kunst en erfgoed |
6 |
1 |
5 |
16,7% |
|
|
Raad van beheer bibliotheek en gemeenschapscentrum |
8 |
5 |
3 |
62,5% |
|
|
Jeugdraad |
6 |
0 |
6 |
0% |
|
|
Sportraad |
7 |
2 |
5 |
28,6% |
|
|
IGOS - beheerscomité |
2 |
1 |
1 |
50% |
|
|
TOTAAL |
29 |
9 |
20 |
31,0% |
| Ruben Strobbe |
GECORO |
2 |
2 |
0 |
100% |
|
|
TOTAAL |
2 |
2 |
0 |
100% |
Uit de cijfers die ik intussen ontving, blijkt dat de aanwezigheid bij de meeste vertegenwoordigers is zoals het hoort. Bij bepaalde vertegenwoordigers zijn er duidelijk meer afwezigheden. Vooral wanneer iemand structureel als vertegenwoordiger van het gemeentebestuur deel uitmaakt van een adviesraad of bestuursorgaan, roept dat de vraag op hoe het college de continuïteit en de opvolging van die vertegenwoordiging organiseert.
Een schepen hoeft uiteraard niet op iedere vergadering van iedere adviesraad aanwezig te zijn. Adviesraden moeten ook voldoende autonoom kunnen functioneren. Tegelijkertijd hebben vertegenwoordigers van het gemeentebestuur er een belangrijke rol om de verbinding tussen de adviesraad of organisatie en het gemeentebestuur te verzekeren.
Daarnaast vroeg ik ook naar de aanwezigheid van gemeentelijke vertegenwoordigers in intercommunales, intergemeentelijke samenwerkingsverbanden en andere externe bestuursorganen. Daarop kreeg ik het antwoord dat het gemeentebestuur de aanwezigheden bij verschillende van die organisaties niet zelf ter beschikking heeft. Voor bijkomende informatie zou een gemeenteraadslid zelf contact moeten opnemen met de betrokken organisaties. Dat roept de vraag op hoe het gemeentebestuur vandaag de eigen vertegenwoordiging in externe organisaties opvolgt. Het gaat immers om mandaten die door de gemeente worden toegekend en waarbij personen namens de gemeente deelnemen aan vergaderingen en bestuursorganen.
Raadslid Lien De Wispelaere
Tutjesboom
Afscheid nemen van een tutje is voor heel wat jonge kinderen en hun ouders een belangrijk, maar vaak ook lastig moment. In heel wat gemeenten proberen ze dat op fijne en speelse manier op te lossen door een tutjesboom in te richten. Een speciale boom, bij een park of speelplein bv, waar kinderen dan samen met hun ouders en eventueel ook grootouders hun tutje in mogen hangen als ze er klaar voor zijn. Dit kan de kinderen helpen bij het afscheid en maakt van een soms moeilijk moment een mooie herinnering om trots op te zijn.
Daarom wou ik graag de suggestie doen om ook hier in Beernem een tutjesboom in te richten.
Raadslid Branco François
Impact werken aan het station
Tijdens de afgelopen gemeenteraad hebben we de maatregelen om de neveneffecten van de werken aan het kruispunt bij het station te beperken al uitvoerig besproken. Zijn er ondertussen bijkomende maatregelen genomen tegen het vele sluipverkeer in onze gemeente? In welke straten werden al snelheidscontroles uitgevoerd en wat waren de resultaten daarvan? Welke conclusies werden uit deze controles en maatregelen getrokken en tot welke eventuele bijkomende acties hebben ze geleid?
Graag ontvang ik een overzicht voor de volgende sluiproutes:
Artikel 2: De volgende vragen worden schriftelijk beantwoord:
Raadslid Christine Stroobandt
Foodwin => vraag van de gemeenteraad van 18 juni 2026 wordt hernomen wegens afwezigheid van de bevoegde schepen
Een hele tijd geleden deed ik de suggestie om als gemeente samen te werken met Foodwin, een organisatie die, onder andere gemeenten, begeleidt bij het zoeken naar oplossingen om voedselverspilling tegen te gaan. Er werden toen al subsidies voorzien door de provincie.
Op dit voorstel werd toen niet ingegaan.
Onlangs verscheen een bericht op Facebook waarin werd vermeld dat de gemeente de samenwerking tussen Foodwin en het Sint Amandusinstituut steunt via ‘Gemeente van de toekomst’.
Gaat het hier over een initiatief uitgaande van het Sint Amandusinstituut, waarin de gemeente financieel tussenkomt?
Zal er in de toekomst misschien, op initiatief van de gemeente, toch samengewerkt worden met Foodwin? Of wordt er liever gewacht tot anderen het initiatief nemen?
Raadslid Gijs Degrande
Zwaar verkeer
De problematiek van het doorgaand zwaar verkeer in onze gemeente is niet nieuw. Al bij de herziening van het mobiliteitsplan in 2016 werden pistes opgenomen om het doorgaand vrachtverkeer beter te sturen en de leefbaarheid en verkeersveiligheid in de dorpskernen van Beernem, Oedelem en Sint-Joris te verbeteren. Ook op Vlaams en regionaal niveau is deze problematiek intussen opgenomen in de regionale mobiliteitsplannen. Zowel het Regionaal Mobiliteitsplan van de vervoerregio Brugge als dat van de vervoerregio Gent (beide goedgekeurd in december 2023 en in werking getreden op 9 februari 2024) besteden aandacht aan de verbinding tussen Beernem en Knesselare en aan het regionale vrachtroutenetwerk.
In de vervoerregio Gent is een actie voorzien voor een “onderzoek naar de selectie van een interlokale weg tussen Knesselare en Beernem (N368 of N337)”. In het Regionaal Mobiliteitsplan van de vervoerregio Brugge wordt daarnaast verwezen naar de ontsluiting van het bedrijventerrein Sint-Joris naar Knesselare/Maldegem en wordt gesteld dat de wegrijroute tussen Beernem en Aalter enkel gebruikt mag worden door vrachtverkeer vanuit Beernem richting Knesselare.
Uit een antwoord op mijn parlementaire vraag (15 juni 2026) blijkt evenwel dat er “op dit moment in beide vervoerregio’s nog geen stappen ondernomen (zijn) om hiermee aan de slag te gaan.”
Artikel 3: De volgende vragen worden uitgesteld naar de volgende zitting:
Raadslid Lode Vanneste
Trouwen op locatie
Op de gemeenteraad van maart 2021 stelde de N-VA voor het eerst voor om huwelijken in open lucht mogelijk te maken in Beernem. De redenering daarachter was vrij eenvoudig: onze gemeente beschikt over heel wat mooie locaties en waarom zouden we koppels niet de mogelijkheid geven om op zo'n bijzondere plek in onze gemeente hun ja-woord te geven?
Dat voorstel werd toen door de meerderheid niet goedgekeurd. Vijf jaar later werd het idee gelukkig toch werkelijkheid. Op de gemeenteraad van maart 2026 besliste de gemeenteraad dat tussen 15 mei en 15 september koppels bij mooi weer in open lucht kunnen trouwen op het grasplein achter de bibliotheek.
De N-VA vindt het grasplein achter de bib niet meteen de meest idyllische trouwlocatie en daarom stelden wij via een amendement voor om nog andere locaties open te stellen. Dit amendement werd weggestemd maar de burgemeester beloofde wel dat er een evaluatie zou plaatsvinden.
Intussen is de eerste periode waarin buitenhuwelijken mogelijk zijn ten einde. Het lijkt mij daarom een goed moment om die aangekondigde evaluatie ook effectief te maken. Daarom de volgende vragen:
Raadslid Arthur De Brabander
Grotere hoeveelheden doornappel aanleveren in recyclageparken
Naar aanleiding om de opkomst van doornappel sterk te onderdrukken is het mogelijk gemaakt om als particulier kleine hoeveelheden doornappel gratis in te leveren bij de recyclageparken. Echter voor landbouwers en andere professionelen die grotere hoeveelheden zouden inleveren is dit niet mogelijk in recyclage parken. Hiervoor zouden ze naar de afvalenergiecentrale moeten gebracht worden en bovendien zouden zij hier ook voor moeten betalen. Is het mogelijk om alsook in recyclageparken dezelfde mogelijkheid toe te passen als voor particulieren (gratis en in doorzichtige gesloten zakken van 60 L.
De voorzitter sluit de vergadering.
Namens gemeenteraad,
Piet Vandekerckhove
algemeen directeur wnd.
Kris Vincke
voorzitter